Posts tonen met het label Een stukje onderzoeken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Een stukje onderzoeken. Alle posts tonen

zondag 22 juni 2008

Toergenjev citeren

Vriend Jan schrijft:

In een van de Achterafjes schrijft KvhR dat Toergenjev in Aan de vooravond La Traviata een middelmatige opera vond. Dat moest ik dus even opzoeken, en wat blijkt: Toergenjev heeft het over een "eigenlijk banale" opera en middelmatige zangers. Dat is dus fout geciteerd want een banale opera hoeft absoluut niet middelmatig te zijn, maar kan ook heel goed of heel slecht zijn. Een vertaalkwestie kan het ook niet zijn, want de vertaling is van KvhR zelf. Of is er een Russisch woord dat zowel banaal als middelmatig betekent?
Het Russische woord is pošlyj - bij Nabokov-liefhebbers bekend uit diens het boekje over Gogol'. Het is goed te vertalen als "banaal" of bijvoorbeeld als "vulgair". Niet als "middelmatig", vind ik, en ik ben een tolerante redacteur. Zoals Jan het in de VhR's vertaling vond klopt het dus, en zoals VhR het in zijn Achterafje citeerde klopt het niet. Dit is het fragment uit VhR's vertaling van Aan de vooravond uit 1955:
Daar ging een opera van Verdi, een vrij banale eerlijk gezegd, maar een opera die heel Europa al was rond geweest en ons Russen goed bekend is, - Traviata. Het seizoen in Venetië was al voorbij, en alle zangers kwamen niet boven de middelmaat ui; ieder brulde er op los zo hard hij kon.
Jan maakt het nog wat spannender door te veronderstellen dat "banaal" geen oordeel over de kwaliteit inhoudt. Ik denk dat Van het Reve daar geen boodschap aan had. Hij herinnerde zich bij het schrijven van dat Achterafje, een 40 jaar na het vertalen van Aan de vooravond, dat Toergenjev geen gunstige indruk van de opera had. En dan kunnen die banaliteit en de middelmaat goed vermengd zijn geraakt.

Mooi gevonden, maar bij het annoteren van het Verzameld Werk lopen we tegen krassere staaltjes aan. Cursiveringen hieronder zijn van mij.

In het Siberisch dagboek beschrijft Van het Reve onder andere een ontmoeting met Russische schoolkinderen. Zijn talenkennis komt ter sprake. "Spreekt u ook Russisch?" vraagt een jongen. Iedereen valt over hem heen: "Hij spreekt de hele tijd Russisch met ons!" De jongen sputtert dan tegen dat VhR even daarvoor toch iets niet begrepen had. VhR zegt dan dat hij zijn vergissing helemaal kan meevoelen:
Het doet enigszins denken aan dat Russische meisje in een roman van Toergenjev die illegaal Rusland binnenreisde op een valse pas ten name van een Italiaanse gravin. Toen de grensbeambten - het speelt allemaal honderd jaar geleden - haar ondervroegen zei ze, in het Russisch: 'Jullie moeten mij geen vragen stellen. Je ziet toch dat ik een Italiaanse gravin ben en geen woord Russisch versta. Laat me met rust!' en werd verder met rust gelaten.
De roman waarnaar VhR verwijst, is Nieuwe gronden. Als je naar die passage op zoek gaat, kom je niet verder dan:
- Rocco di Santo Fiume, herhaalde Paklin, en ze drinkt thee als een Russin! Dat is wel erg onwaarschijnlijk! De politie zou meteen verdenking gaan koesteren.
- Aan de grens, merkte Masjoerina op, was er inderdaad een in zo'n uniform, die steeds maar bleef zeuren en vragen stellen. Op het laatst kreeg ik er genoeg van en ik zei: "Laat me toch in Godsnaam met rust, kerel!"
- Zei u dat in het Italiaans tegen hem?
- Nee, in het Russisch.
- En wat deed hij toen?
- Wat hij deed? Weggaan natuurlijk!
Toergenjev citeerde graag Poesjkin, Krylov en andere klassieken. Hij maakte daar bijna altijd fouten bij. In zijn annotaties van de brieven van Toergenjev (het vijfde Toergenjev-deel in de Russische Bibliotheek lijkt VhR er een sardonisch plezier in te hebben elke keer op die fouten te wijzen.

maandag 9 juni 2008

Kennen jullie deze?

Lieneke Frerichs, hoofdredactrice van het Verzameld Werk van Karel van het Reve mailt mij en mede-vrijwilliger Anne Pries een fragment van Karel van het Reve dat u waarschijnlijk nog niet kende (ik hoop dat ik hier geen problemen mee krijg, ga dat Verzameld Werk kopen, dan zal het me vergeven zijn):

Er waren eens twee Russische schrijvers. Het was in de vorige eeuw. De een was een godloochenaar, die een godloochenend artikel geschreven had. De ander was een gelovige, en hij maakte zich op om in zijn krant de godloochenaar aan te vallen. Toen verbood de Russische regering het blad van de godloochenaar. De gelovige schreef toen in zijn eigen blad ongeveer het volgende: ik was van plan de godloochenaar aan te vallen, maar nu de regering zijn blad verboden heeft kan ik dit niet meer doen, want het is ongepast iemand in het openbaar aan te vallen, die zich niet in het openbaar kan verdedigen.
Weten wij wie de gelovige en de godloochenaar zijn, over welk blad het gaat, en wanneer dit plaats vond?

Het geval komt ons bekend voor. Zouden we het niet gewoon in de Geschiedenis van de Russische Literatuur gelezen hebben? Alle "reactionairen" in de index nagaan, reactionairen bovendien die iets met tijdschriften hadden. Dostojevski? Nee, dan zou het te algemeen bekend zijn. Boelgarin? Aantrekkelijk idee, typisch iemand die tussen de schofterigheden door opeens zoiets moois zou doen. Maar: geen enkele aanwijzing. Daarna beginnen de namen wel erg klein te worden. Goede raad is duur. Lieneke vragen of we digitaal in de GRL mogen zoeken. Vooruit, zegt Lieneke. Maar ze waarschuwt dat het enige dat er een beetje in de buurt komt een fragmentje is over Ivan Aksakov in het hoofstuk over de dichter Tjoettsjev:
Toen zijn schoonzoon, de journalist Ivan Aksakov, weigerde met een tegenstander te polemiseren wiens blad verboden was, keurde hij deze weigering goed.
Maar het is raak. En het blijkt dat een goedgevulde bibliotheek alleen maar ballast is, vooral als je iets zoekt dat speelt in een land waar ze (a) verstand van computers hebben en (b) hun culturele erfgoed waarderen. In Rusland hebben ze de Biblioteka Maksima Moškova, vergeleken waarbij het project Gutenberg een lusteloos opgevolgd ideetje is. Vanaf de pagina Klassika in mijn favorieten is het maar twee muisklikken naar de sleutelpassage: naar de pagina van Aksakov, en van daar naar een artikel over Tjoettsjev en Aksakov in hun strijd tegen de censuur. En daar staat het allemaal keurig in, al moet je je door wat taai proza worstelen. U ziet het te zijner tijd hopelijk in een voetnoot.