zondag 14 juni 2009

Waarom Milgram niet deugt (en waarom dochters van tien dat begrijpen)

Dochter van tien vertelt me dat ze niet houdt van grappen waarbij mensen in de maling worden genomen. Ik ben het daar zeer mee eens. Ik behoor tot de kleine minderheid die nooit om een bananasplit-grap heeft gelachen, ook niet om de door de VPRO gebrachte varianten (ik geloof van Cherry Duyns). Veel te veel medeleven met het slachtoffer, it could have been me.

Dat is een belangrijk bezwaar tegen de experimenten van Milgram, de moeder van alle kip-ik-heb-je-denk-maar-niet-dat-jij-géén-fascist-bentexperimenten. Talloze malen zijn ze herhaald, geïmiteerd, aangepast aan onze tijd. Zelfs beruchte gedragsonderzoeken met een compleet andere opzet worden er in één adem mee genoemd. In dienst moesten we ernaar kijken, bij de geestelijke verzorging. Er zitten overigens best mooie beelden in, vooral van de superieure geesten die het vertikken verder mee te doen, de helden van de show.

Maar het blijft een lage streek. Je bent zo vriendelijk om mee te doen aan een psychologisch experiment dat weet ik wat zou meten, maar dat eigenlijk meet of jij even slecht bent als Adolf Eichman. Als je 's mensen slechtheid alleen maar kunt meten door ze in de maling te nemen, dan zou ik het liever laten.

Maar nu ze het niet gelaten hebben, mag je dan, ondanks ethische bezwaren tegen de onderzoeksopzet, wel conclusies trekken uit de resultaten? Tegen sommige medische onderzoeken kun je nog veel grotere ethische bezwaren hebben. Dubbelblindonderzoeken waarbij de controlegroep niet profiteerde van een levensreddend medicijn, bijvoorbeeld. Of, nog erger, experimenten die de Japanners in de Tweede Wereldoorlog op krijgsgevangenen uitvoerden. Of daar werkelijk een praktische vraag aan ten grondslag lag, of er een paar pseudo-wetenschappers ruim baan hadden gekregen, of dat het ordinair sadisme was - wat doet het er toe, het blijkt dat er nuttige resultaten uit gekomen zijn. Die mag je, lijkt me, gebruiken.

De vraag is alleen of er nuttige conclusies zijn te trekken uit de resultaten van Milgram. Wat leren we er eigenlijk van? Ja, dat de meesten van ons niet zo sterk zijn in het weigeren van bevelen, zelfs als het opvolgen van die bevelen de dood van anderen tot gevolg heeft. Dat is toch een belangrijke conclusie.

Of niet?

Hier heb ik echt een heel groot bezwaar tegen Milgram. Want we wisten dit allemaal al. Om maar één belangrijk feit te noemen, dat ook voor Milgram de motivatie was voor zijn experiment: die zes miljoen joden waren niet door een handvol zeloten vermoord - tienduizenden, honderdduizenden hadden daaraan meegedaan. Die honderdduizenden waren geen moordenaars, in de zin dat ze zelf ooit het plan zouden hebben opgevat en uitgevoerd om iemand te doden. Maar ze volgden wel braaf bevelen op waardoor andere medemensen gedood werden, en ze waren zich daarvan bewust.

Stel nu dat uit de experimenten van Milgram was gekomen dat mensen niet in staat waren op bevel te martelen. Dat ze in plaats daarvan de opdrachtgevers te lijf waren gegaan. Wat zou dan de reactie zijn geweest? Ik denk toch dat u en ik gedacht zouden hebben: dat experiment deugt niet, want uit de geschiedenis blijkt juist dat mensen wel bevelen opvolgen tot de dood erop volgt.

Maar dan had Milgram zijn resultaten niet eens gepubliceerd. Of hij zou de onderzoeksopzet hebben aangepast, totdat de resultaten met de ervaring overeenkwamen. Verdomd, wie weet nog of het niet echt zo gegaan is? Over de voorstudies voor het experiment vind ik niets. Is dat toeval? Maar veel maakt het niet uit. Of hij nu uitgebreid heeft moeten finetunen, of in een klap goed zat: een onderzoek dat niets anders doet dan de werkelijkheid imiteren is geen onderzoek. Van een modelspoorbaan leer je niets over treinen.

En dan ook nog eens mensen in de maling nemen.

maandag 8 juni 2009

Gaat zwemmen!

Je hebt bijvoorbeeld de reportage die over 24 uur op de Wallen gaan. Of 24 uur mee met de politie, bij voorkeur die van bureau Warmoesstraat. Of 24 uur in een nooit sluitend wegrestaurant. Bezoek aan de zelfkant, maar wel veel mooie lichtpuntjes. Ze stonden vroeger zo ongeveer wekelijks in de Nieuwe Revu en misschien nog steeds. Nu doen de wekelijkse tijdschriftbijlagen van de kranten het. Ook al weer een poos trouwens.

Dan heb je ook de reportage over de boksschool. Trainer, succesvolle en minder succesvolle pupillen volgen, ouders, vast publiek, kantinedame, materiaalman. Het boksen is in Nederland alleen een beetje in het gedrang, zowel intellectuelen als schorum willen wat pittigers. Kickboksen is het helemaal. Dus die boksschoolreportages zijn kickboksschoolreportages geworden, en zo een stond er dit weekend in het Parool. Met alle clichés:

* Trainer die als een vader is
* Jonge kickboksertjes krijgen zelfrespect
* Thuis is het vaak niet best
* Grote ontroering bij overwinningen
* Allochtonen kunnen nergens anders terecht
* Meisjes leren van zich af te bijten
* Hier kan je je agressie kwijt
* Uiteraard is het volkomen uit den boze dat verworven vaardigheden buiten de deur worden gebruikt. Discipline!
* Sport geeft structuur aan je leven
* Etc. etc. Zelfrespect. Respect voor anderen. Opgeven is geen optie.

Het moet gezegd worden: ook enkele kwalijkere kanten van het kickboksen komen aan de orde. Het is een sport waarbij je elkaar pijn probeert te doen en waar bloed bij vloeit. Het publiek komt daar ook voor. En kickboksers, alle beloftes om hun kunsten alleen binnen de ring te vertonen ten spijt, treden vaak op als lijfwacht van criminelen, of worden zelf crimineel.

Maar bovenstaande clichés worden niet ter discussie gesteld. Het merkwaardige, volstrekt onbewezen idee (en hoe zou je ook onderzoeken of het waar is?) dat vechtsporten een soort uitlaatklep zijn, dat de gewelddadigheid die we nu eenmaal in ons hebben wordt gekanaliseerd etc. is een gegeven.

Het schokkendst aan de reportage vond ik echter dat de sportschool in kwestie blijkbaar gesubsidieerd wordt uit een prachtwijkenpotje of zoiets. Waarom vind ik dat zo schokkend? Niet alleen omdat je de kinderen die het slechte pad op gaan (en die zijn er in die buurten, al geloof ik best dat het een minderheid is) een geducht wapen meegeeft.

Ook niet vanwege de ongezonde intellectuele fascinatie met geweld. Wat vinden mensen die het van hun hersenen moeten hebben toch aan sporten waar een knock-out, waarbij je je tegenstander ernstig hersenletsel toebrengt, als het hoogst bereikbare wordt gezien? Denk toch na.

Maar het ergst vind ik de neerbuigendheid die eruit spreekt. Laat die allochtoontjes lekker kickboksen, dat willen ze graag, ze kunnen alleen geen sportschool betalen, helpen we daar toch mee.

Jo! Misschien willen die allochtoontjes helemaal niet speciaal kickboksen. Misschien willen ze zelfs wel aan hele andere sporten doen, als ze de kans krijgen. Aan gezonde sporten, waarbij je elkaar niet verrot slaat en trapt, waarbij je rustig aan je techniek en je kracht en je uithoudingsvermogen kunt werken, en waar ook minder snelle en atletische types plezier aan kunnen hebben.

Wat dacht u hiervan: de zwemclub van mijn dochter van 10 is, in ieder geval in haar leeftijdscategorie, voor 30% allochtoons. Het kan misschien nog beter, maar dat is een redelijke afspiegeling van de Amsterdamse bevolking. Het had ook minder kunnen zijn bij zo'n oerhollandse sport. Hoe werkt het? Net als Nederlandse ouders merken Turkse en Marokkaanse ouders dat hun kinderen het leuk vinden op zwemles. Kunnen ze eigenlijk niet blijven zwemmen als ze straks al hun diploma's hebben? De meesters en juffen vertellen dat dat heel goed kan, bijvoorbeeld op zaterdagochtend vroeg, om acht uur. En verdomd, ze komen gewoon. Twee keer per week trainen kan ook. In de zomer komt het buitenbad erbij.

Dan nu een gedachtenexperiment. Twee groepen Marokkaanse jongens in het Sloterparkbad. Een heeft getraind bij kickboksschool Samurai, een bij zwemclub het Y. Welke gaat baantjes trekken en keerpunten en de vlinderslag oefenen, welke gaat liever wat dollen op het veld, waar ze vroeg of laat de meisjes gaan lastigvallen? Ik zou zeggen: subsidiëren maar, dat zwemmen!

zaterdag 6 juni 2009

Angst

Af en toe schrijf ik over de achtste Montessorischool van onze hoofdstad, voor de jongere lezers (dag Max!) opdat die weten wat hun te wachten staat, want het gaat sneller dan je denkt. En omdat veel van wat op school gebeurt tekenend is voor de maatschappij als geheel.

Deze week overleed Ditte, administratief medewerkster van voornoemde school. Ze was al lang ziek, maar de schok was toch groot, groot genoeg om dinsdag a.s., de dag van haar begrafenis, de school te sluiten. Wat betekent dat? Even rekenen. Op de school zitten een 600 kinderen, ik schat gemiddeld 1,5 per ouderpaar. 800 ouders dus? Een op de twee ouders moet zijn of haar dag aanpassen vanwege het onverwachts thuisblijven van de kinderen. De vervelendste aanpassing, voor henzelf en voor hun collega's op het werk: een dag vrij nemen. Het lijkt me geen slechte schatting als een 50 ouders dat dinsdag noodgedwongen doen.

Nu kende ik Ditte niet, de juffen en meesters natuurlijk wel. Maar: hoe erg zou het voor Dittes nabestaanden zijn als alleen de directeur op de begrafenis zou komen, namens de collega's? Want het is niet vanzelfsprekend dat alle collega's van het werk naar een begrafenis gaan, zoals het ook niet vanzelfsprekend is dat je bijzonder verlof krijgt voor de begrafenis van iemand anders dan een naast familielid.

Ik vraag me ook af of de nabestaanden blij zijn met zo'n groots gebaar. Het is toch even wat, een hele school een dag sluiten, niet alleen voor de ouders maar ook voor de kinderen die toch weer minder leren en er van uit hun ritme raken (al is het wel weer zo dat vrije dagen, met al die adv- en studiedagen, wat gewoner zijn geworden dan vroeger).

Maar die bezwaren (ouders gedwongen vrij te nemen, mogelijke gêne bij nabestaanden) wogen blijkbaar niet op tegen de druk om alle collega's een kans te geven het verlies te verwerken. Op de vergadering waarop dit besluit genomen is, moet het ongeveer zo gegaan zijn: enkele leraren gaven te kennen graag naar de begrafenis te willen. De directeur wijst erop dat er niet voldoende invallers zijn, en dat dit dus niet kan. Ja, als één het deed, en zelf een vrije dag opnam, dan. Maar niet als er vijf of zes willen. Algemeen protest. Directeur velt Salomonsoordeel: dan iedereen vrij, en dus school dicht.

Ik kan er tenminste niets beters van maken - en ik ben eigenlijk bang dat het nog erger was, dat de belangstelling niet eens gepeild is. Wij gaan allemaal naar de begrafenis, punt.

Het besluit lijkt me te zijn ingegeven een nieuwe angst, de angst om gevoelloos en hardvochtig te lijken. Een angst die verwant is aan een andere onredelijke, maar eveneens veel voorkomende angst: de angst om leden van bepaalde groepen te kwetsen. En, iets subtieler maar daarom niet zeldzamer, de angst denkbeelden te uiten die je toevallig deelt met figuren als Hitler en Geert Wilders.

Wie toch eerlijk wil zeggen wat hij ergens van vindt, moet, als hij niet in 100% vertrouwd gezelschap is, tegenwoordig beginnen met een reeks disclaimers: ik gun natuurlijk iedereen zijn rouwproces maar..., ik respecteer eenieders overtuigingen maar..., ik ben het natuurlijk in het algemeen niet eens met Wilders, maar..., ik ben vegetariër, en ja, Hitler ook, maar Katja Schuurman ook, en Wouter Bos ook (o nee, Wouter Bos is uit, die liever niet noemen), en Hitler was het alleen maar omdat hij dacht dat het gezonder was.

Hoe gaat het trouwens met de angst voor de dood? Kom ik toevallig alleen maar opgewekte mensen tegen, of is die angst nu juist op zijn retour? Dat zou toch een mooie opsteker zijn in deze harde tijden. The show must go on!