Als Joker de scherpschutster heeft gevonden die net drie van zijn maten heeft uitgeschakeld en Rafterman haar heeft neergeschoten en de andere overgebleven marines er een voor een bijkomen, dan weet ik al dat ze haar niet gaan verkrachten. Ook zullen ze er geen machinegeweer induwen. Ik weet dat niet alleen omdat alleen ik ziek genoeg ben om die dingen te bedenken. Die dingen gebeurden immers in Vietnam, wie wil kan er genoeg over lezen, begin bij My Lai. En deze situatie schreeuwt bij wijze van spreken om seksueel geweld.
Maar op dat punt in de film weet je al dat zoiets niet gaat gebeuren. De jongens, boos, oversexed en afgestompt, twijfelen alleen of ze haar zullen laten creperen of toch maar zullen doodschieten. Dat laatste wordt het, Joker, die het voorstelde, moet het zelf doen en doet het na lang aarzelen. Je ziet verder geen bloed meer.
De film is goed, maar geen meesterwerk, juist door die vreemde braafheid - die me ook wel weer goed uitkomt, want ik heb een grote afkeer van extreme geweldscenes. Meer voorbeelden van braafheid: de duidelijke oorzakelijke verbanden tussen het kleineren door de drill instructor het gedrag van de recruten. Het in kaart brengen van hoe de Amerikaanse militairen over Vietnam en de oorlog denken. De even grote vuren die overal in Hue branden - een vuur wordt groter of kleiner als niemand het onderhoudt. De frisse, aantrekkelijke hoeren.
vrijdag 28 september 2007
Full Metal Jacket
Gepost door
Wouter van den Berg
op
23:32
0
reacties
Labels: Apocalypse Now, Film, Full Metal Jacket, Kubrick, Oorlog, The Deer Hunter, Vietnam
maandag 24 september 2007
Hoewel ik normaliter geen petities teken
Als dit weblog dan toch over films moet gaan, en laat ik eerlijk zijn: ik heb films tot nu toe verreweg het makkelijkste onderwerp om over schrijven gevonden, de politiek volg ik niet, originele gedachten moeten maar net bij je opkomen, boeken lezen duurt te lang, mijn dagelijks leven is saai, mijn werk concurrentiegevoelig en de kinderen - mijn vrouw ziet de pedofielen al aan het hek rammelen als ik schrijf dat ik ze heb, dus ja, voorlopig maar even films - als dit weblog dan toch over films moet gaan, laat ik dan maar meteen een link naar een van mijn nieuwe vrienden, mede-filmbloggers plaatsen.
Rooting for Laughton
Dat zit zo. Vanavond The Night of the Hunter gezien. De film is niet volmaakt. Wie hem domweg raar vindt kan ik geen ongelijk geven. Maar het acteren is geweldig, met als (voor mij) grootste verrassing Robert Mitchum. Ik kende hem alleen van stoere rollen in oorlogs- en cowboyfilms. Nu is hij een doodenge "preacher", met op de vingers van zijn linkerhand H A T E en op de vingers van zijn rechterhand L O V E getatoeëerd. Wat er gebeurt...
Het rare zit 'm trouwens in de cinematografie, die gekunsteld aandoet - expressionistisch, zeggen de kenners. Maar ik heb ondanks dat aan het scherm gekluisterd gezeten. Vandaar mijn steun aan Gloria's actie voor een special edition van de dvd, baat het niet dan schaadt het niet.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
00:35
0
reacties
Labels: Film, Nederlands
zaterdag 22 september 2007
Little Big Man
Dit is een opmerkelijke film. Indianen die soms duidelijk bijgekleurde blanken zijn, maar soms ook echte Indianen. Ze spreken Engels, maar zeggen er steeds bij dat ze Cheyenne spreken, zodat we niet kunnen denken dat de makers niet weten dat Indianen onder elkaar geen Engels spraken. (Sommige kijkers doen dat toch, maar die worden door anderen ernstig en met kennis van zaken terechtgewezen.) Een aardig detail is dat de Indianen, en ook Dustin Hoffman als hij met ze praat, netjes Engels spreken, terwijl de blanken onderling zich van pittige dialecten bedienen.
Over de film worden verschillende dingen gezegd. Allereerst dat hij over een leugenaar gaat. De tagline, "Little Big Man Was Either The Most Neglected Hero In History Or A Liar Of Insane Proportion!" heeft wat dat betreft veel kwaad gedaan. Goed, de verteller is 121. Zulke oude mensen bestaan niet. En het verhaal is historisch niet echt gebeurd. Maar binnen de film klopt het gewoon en is de leugenachtigheid van de verteller alleen maar een thema als het over bepaalde periodes in zijn biografie gaat ("In my gunfighter period, I was a terrible liar.").
Verder dat hij eigenlijk over Vietnam gaat. Ja kijk, dat is wel heel makkelijk. (1) Hij is ten tijde van de Vietnam-oorlog gemaakt en (2) er komen twee slachtpartijen in voor, en die kwamen ook voor in Vietnam. Dat vind ik niet genoeg. Met veel goede wil zou je nog kunnen zeggen: de film is anachronistisch, met jaren-zestigtypes als Hoffmans mannenhatende zus, een Indiaanse homo ("He had become a heemanee for which there ain't no English word.") en een opstandige jongen die alles achterstevoren doet. En als hij zo anachronistisch is, dan moet je de gewelddadige scènes natuurlijk zien als commentaar op de lopende oorlog. Maar dat lijkt me niet de bedoeling van de makers.
Wat de film heel goed doet, is van de Indianen echte mensen maken. Ondanks, of eigenlijk dankzij die anachronismen en de grappen. De vergelijking met Dances With Wolves valt daarom in het voordeel van Little Big Man uit - Dances With Wolves maakt van de Indianen historisch correcte braveriken, waardoor je geen band met ze krijgt. Als je racist bent, in de zin dat je a priori minder rapport hebt met mensen met een andere kleur dan met mensen met je eigen kleur, zal Dances With Wolves daar niets aan veranderen. Dat is wel even anders in Little Big Man.
Leuk is ook de zedenschets van de blanke maatschappij, door er door de ogen van de Indianen naar te kijken. Een mooi detail daarbij is dat de Indianen zich hooghartig "Human Beings" noemen, wel te onderscheiden van blanken - en van negers:
Yes, the "black" white man; I have heard of them. It is said that a "black" white man once became a Human Being. They are a very strange creatures. Not as ugly as the white man true; but they are just as crazy!Er zijn mensen die vinden dat je Eskimo's Inuit moet noemen. Waarom? Nou, Eskimo is eigenlijk een scheldwoord; Inuit daarentegen betekent "mens". Lange tijd heb ik gedacht dat ik de enige was die zich daar aan ergerde. Wat denken die Inuit wel. Nette mensen accepteren liever een scheldnaam als geuzennaam dan dat ze zichzelf al in hun naam boven anderen stellen. Maar deze film maakte toen ik vijf was (en ik dit nog niet zelf bedacht had) helemaal mijn punt.
Niet goed aan de film zijn de eerder genoemde slachtpartijen. Of beter: niet goed zijn de momenten waarop ze komen. Ze wisselen leuke, ontroerende en zelfs erotische scènes af. Net als het in het echt ging, misschien, maar in een film werkt het niet. De voornaamste emotie die je voelt is afkeer: moest dit nou. Echt onder de indruk raak je er niet van.
Daar komt bij dat de makers ons willen doen geloven dat ten minste een van die gebeurtenissen echt zo heeft plaatsgevonden: die bij de rivier de Washita. Maar dat schijnt een echte veldslag te zijn geweest, waar de Indianen in terugvochten. Daar kan ik dan weer heel slecht tegen. Dustin Hoffman met de Indianen laten meedraaien is acceptabel, de geschiedenis herschrijven niet.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
23:13
0
reacties
Labels: Film, Nederlands
Dappere hip
Ik moet bekennen dat het opnieuw zien van Serpico 25 jaar nadat ik hem voor het eerst zag behoorlijk tegenviel. Jawel, de film maakt een veel authentiekere indruk dan andere politiefilms, door de ongelooflijk gewone locaties en natuurlijk door Al Pacino. Maar hij wordt opgehouden door balletlessen en door relatiegedoe met zijn vriendin - wie is daar nou in geïnteresseerd? - en door het langzaam opbouwen van een dierentuin in zijn appartement. Aan de andere kant: je kunt je verwachtingen bijstellen. Dit is maar gedeeltelijk een politiefilm, het is vooral een portret van de echte Frank Serpico, een rare softie die zomaar iets heel dappers deed. Dat weblog heeft trouwens zijn ontroerende momenten. Zekere Dave reageert op deze post:
On a side note, I've been a Police Officer for over 14 years. Much of my inspiration to become a policeman came from a movie I saw as a young man. It’s truly an honor to be able to communicate with the man that inspired me to become what I am today, even if I do disagree with him on this issue.Daar kan ik me wat bij voorstellen.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
22:05
0
reacties
Labels: Film, Nederlands
donderdag 11 januari 2007
Onthoudingsverschijnselen
Een lezer die we verder anoniem laten schrijft:
Het zou mij niet verbazen wanneer veel regelmatige lezers van je site (en vooral van je weblog) thans te doen hebben met onthoudingsverschijnselen. Je publiceert niet meer. Chinees leren kan er mee te maken hebben. Misschien is het writer's block. Wellicht heb je teveel werk. Of zijn het de zwemlessen van je dochters soms? Niets van dit alles snijdt bij ons evenwel hout. Wij, je lezers, hebben met al deze excuses niets, maar dan ook niets te maken.
Wij willen je wijzen op de jammerlijke gevolgen van onze frustratie: Hoge medische kosten, tranquilizers, echtelijke ruzies, verkeersongelukken en noem maar op. Kortom, Wouter, mend your ways!
De lezer heeft gelijk. Het begon met het Chinees leren, in augustus. Daarna werd het al snel weer druk op de zaak. Dat bleef. Het werd zo druk dat zelfs het Chinees er enigszins bij in ging schieten (anderhalve les gemist, soms dagen achtereen niet geoefend). En wie mij kent weet dat ik mijn tijd verder niet verbeuzel met zaken als cafébezoek, televisie kijken en uitslapen. Nauwelijks s--- ook (waarom die drie streepjes? Omdat we geen foute googelaars op onze site hoeven en de correcte spelling aanhouden).
Dus het was echt druk. Maar kan er dan niet af en toe een uurtje af? Of een halfuurtje? Want als je consequent vijf uur per nacht slaapt is dat toch al te weinig. Je staat als een zombie op, maar dat is wel bijgetrokken tegen de tijd dat je op kantoor bent. In de loop van de middag merk je dat je wartaal schrijft in een mailtje - dagdromen mengen zich met zakelijke voorstellen. Dan moet je even languit op de vloer gaan liggen met een kussen onder je hoofd. Na tien minuten wreed gewekt door de telefoon, maar tien minuten dáárna weer lekker fris. 's Avonds moeilijk en met tegenzin op gang komen in de avondsessie vanuit de studeerkamer, maar daarna een rush van negen tot één, als het niet later wordt. Ik bedoel maar: dan maakt het niet meer uit, je zou net zo goed vier-en-een-half uur geslapen kunnen hebben, maar dan wel je weblog hebben bijgehouden.
Wat me dwars zit is waarschijnlijk dat de eisen die ik aan mijn weblog stel steeds hoger worden. Ik werd eens in Finland rondgeleid in de fabriek van een klant. Ik vroeg naar de werking van een onderdeel van een machine dat ik niet kende. De rondleider, die tot dan toe voornamelijk bezig was geweest mij te overhoren, las de opschriften, vroeg het aan de operator en pleegde een telefoontje, voordat hij me iets vertelde dat ik zelf intussen al geraden had. Toen ik hem dat lachend zei reageerde hij gepikeerd: "If I want to teach people a lesson, I better f------ well know what I'm talking about."
Ik ervoer dat als een erg wijze les - waarschijnlijk omdat ik dat altijd al zo gevoeld had, al sprak ik het dan niet zo krachtig uit. Het is misschien een van de redenen waarom ik een jaar of vier geleden, bij een poging mijn leven wat meer zin te geven, niet kon aarden in het onderwijs: leraren die f------ well know what they're talking about bleken niet meer au sérieux genomen te worden. (Wel door de leerlingen trouwens.)
Maar voor een blogger is die houding fnuikend. Nu ik merk dat ik gelezen word, wil ik elk stukje met autoriteit geschreven hebben. Daardoor heb ik wel degelijk iets dat op een writer's block lijkt. Ik heb sinds augustus een twintig ideeën genoteerd en te licht bevonden. Als je na zo'n lange stilte weer van je laat horen, it better be f------ good, zoiets. Misschien had ik met die ideeën nog iets mee gekund als ik de dag ervoor een stukje uit de losse pols had geschreven, dan stak het volgende er misschien goed bij af. Wie weet geeft dit stukje uit de losse pols het beslissende zetje. Stay tuned, lezer.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
22:23
0
reacties
Labels: Aardappelpsychologie
zondag 3 september 2006
Also sprach Zarathustra
Wat je al niet kunt vinden op internet! En dan bedoel ik niet dingen die je vroeger in een woordenboek vond, of dingen waar je even over nadacht en eventueel met een rekenmachientje oploste - de niet onbekende collega-blogger Merel Roze schrijft ook stukjes op de achterpagina van de NRC, waar we vorige week woensdag konden lezen dat ze op internet had opgezocht dat ze de volgende dag 682.695 dagen oud zou zijn. Ze was "best onder de indruk van deze cijfers", die haar dan ook een slordige 1869 jaar oud maken. (Rekenmachientje geeft 1870,4, maar je moet daar iets meer dan een jaar aan schrikkeldagen afhalen.)
Wat ik bedoel zijn dingen die je vroeger écht niet kon vinden. Think trivia, omdat je in die categorie altijd naslagwerken tekort zou zijn gekomen. Vandaag: Also sprach Zarathustra, niet het boek van Friedrich Nietzsche maar het symfonische gedicht van Richard Strauss. De beroemdste toepassing is ongetwijfeld die in 2001: A Space Odyssey. Maar heel veel mensen kennen die film niet, hebben nooit een uitvoering van het hele stuk op de radio of in een concertzaal gehoord, maar herkennen de muziek evengoed onmiddellijk als ze hem horen: bijvoorbeeld in de nieuwste filmversie van Sjakie en de Chocoladefabriek.
Hoe zit dat, worden we er echt zo vaak aan blootgesteld? Eerst meer films. Op de IMDB leren we dat het in een 42 films en televisieprogramma's voorkomt (zoek op Richard Strauss, maar doe nog wat handwerk - Richard krijgt soms credits als "writer", soms voor de soundtrack, soms staat hij in beide categorieën; bovendien wordt soms alleen een deel van AsZ genoemd). Daar zitten bekende tot zeer bekende bij als Magnolia, Clueless (aanrader!), Space Balls en Catch 22.
Het lijkt me respectabel, maar dat is een onvoldoende antwoord op de vraag waarom het zó bekend is. Ook mensen die geen van de bovenstaande films hebben gezien kunnen de muziek dromen. Een aanwijzing geeft het Wikipedia-artikel Also sprach Zarathustra (Richard Strauss song). Het bevat een fijne lijst van populaire toepassingen van het stuk. Waar bombast vereist is, lijkt de boodschap, daar wordt het vroeg of laat gespeeld.
We zijn er bijna. Maar de laatste loodjes wegen het zwaarst, en we komen er deze keer niet helemaal, want we willen weten hoe je dit stuk als Nederlander zo goed kent. De Nederlandse Wikipedia verwijst echter alleen naar het boek. Het muziekstuk wordt alleen genoemd in het artikel over Richard Strauss, zonder daar belangrijke informatie bij te geven over de toepassingen. Was de reclame voor Silan Geconcentreerd de eerste? De enige?
Naschrift 24 september 2007: een nadeel van Wikipedia is dat er dan puristen zijn die alle trivia er van tijd tot tijd verwijderen. Gelukkig wordt niets helemaal weggegooid. Zie voor een lange versie hier.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
22:07
0
reacties
Labels: Film, Kubrick, Muziek, Nederlands
vrijdag 25 augustus 2006
Alfabetsoep
SFVI, PMOI, MEK, MKO, NRCI - kortom, nog één keer over die merkwaardige, geliefde en verguisde, organisatie van Iraanse verzetsstrijders.
Wat voorafging: vorige week zaterdag kocht ik bij Scheltema Persepolis van Marjane Satrapi, las meteen het eerste deel en werd vervolgens bij het doen van de gewone boodschappen aangesproken door een aardige Iraniër die mij zover kreeg een machtiging te tekenen voor de SFVI. Ik schreef daarover in mijn stukje Vertalen is als een vrouw.
Maar het bleef me niet lekker zitten. Die SFVI was wel erg vaag. Ik informeerde me iets beter, concentreerde me daarbij op wat je redelijkerwijs van een mensenrechtenorganisatie mag vragen, en wijdde er een tweede stukje aan, met een titel die niet mis te verstaan was: SFVI: niet doen. Ik laat het toegezegde bedrag niet afschrijven en geef het aan Amnesty.
Ik dacht dat daarmee de kous af was, maar er kwam een reactie op die me uitgedaagde me nóg eens in de zaak te verdiepen. Ging het oorspronkelijk nog om de vraag of de SFVI met hun opgehaalde geld zouden doen wat ze zeiden ermee te gaan doen, nu ging het over de integriteit van de (vermeende) moederorganisatie. Ik las het artikel over de People's Mujahedin of Iran (PMOI) op Wikipedia, dat er wonderbaarlijk goed en ongehavend uitziet als je bedenkt hoe fel de voor- en tegenstanders van de organisatie zijn, wat ook blijkt uit de zeer lange bijbehorende talk page. Dit is wat er op het moment van schrijven staat over de ideologie van de organisatie en de wijze waarop deze gehandhaafd wordt:
Ideologically, the MKO is difficult to describe. Originally being based on a syncretic amalgamation of Marxist and Islamic ideas, the MKO was subject to a number of rapid ideological shifts (each allegedly accompanied by severe internal purges) and has developed a strong sense of veneration for its leading couple, Masoud Rajavi and Maryam Rajavi, which some have described as a personality cult. It describes itself as a secular organization. There have been allegations that the MKO were running prison camps within Iraq and were committing severe human rights violations [14]. But the MEK claims a European Parliament delegation visited Camp Ashraf and after conducting interviews with many PMOI members in Iraq, published a 93-page document responding to these allegations [citation needed].Die woorden als "allegedly", "some have described", "there have been allegations" mogen slap lijken, maar zoals het er nu uitziet mogen dit harde feiten in de beste traditie van Wikipedia worden genoemd: niemand kan ontkennen dat er "allegations" zijn geweest. Wel zijn er natuurlijk mensen - en die komen op de talk page uitgebreid aan het woord - die die verdenkingen zó lasterlijk vinden dat ze zelfs niet genoemd mogen worden, omdat onbevooroordeelde lezers zoals ik onder het motto waar rook is, is vuur zouden kunnen denken dat de PMOI toch wel een béétje martelt.
En laat ik dat nu inderdaad denken. Maar ik had dit artikel daar niet voor nodig, noch allerlei interessante, maar "anekdotische" informatie, zoals die te vinden zijn in een uit de hand gelopen reeks commentaren op een blog van Iran-correspondent van de NRC Thomas Erdbrink. Want je komt een heel eind door alleen maar naar de website van de PMOI zelf te kijken - naar wat er op staat, wat er niet op staat en hoe ze het zeggen. Dat doet erg denken aan... Nee, eerst even punt voor punt:
De keuze van de informatie Wat je op de site vindt: verklaringen van prominenten van de PMOI, aanhankelijkheidsbetuigingen van buitenlanders en veel analyses van de misdadige politiek van de regering van Iran. Qua nieuws: de laatste politieke ontwikkelingen in Iran, executies in Iran, en alle feiten die lijken te ondersteunen dat de val van de regering van Iran op handen is. Niets daarentegen over de wijze van organisatie van de PMOI, het leven in Ashraf (wat bijzonder jammer is, want daar is nu juist erg weinig over bekend en als iemand er iets zinnigs over zou kunnen zeggen zouden het de PMOI-mensen zijn), over de politieke discussies die er toch zouden moeten zijn binnen de PMOI of anders wel binnen de NCRI (het parlement in ballingschap dat gedomineerd wordt door de PMOI, maar waarvan volstrekt onduidelijk blijft wie er nu verder in zitten) - kortom, alle informatie waarvoor je als argeloze buitenstaander juist deze website zou bezoeken.
Het ontzag voor gezagsdragers Je ziet het al aan de manier waarop hun namen worden genoemd. Wordt leidster Maryam Rajavi geciteerd (en dat gebeurt vaak), dan wordt ze binnen drie zinnen afwisselend Mrs. Maryam Rajavi, The Iranian Resistance's President-elect, Mrs. Rajavi en The President-elect of the Iranian Resistance genoemd. Hetzelfde gebeurt met alle enigszins prominente niet-Iraniërs. Politici en militairen die zich uitspreken ten gunste van de PMOI, of ten minste voor het laten vallen van de status van "terroristische organisatie" of voor het handhaven van de vluchtelingenstatus van de in Ashraf vastzittende strijders - ze zullen hun namen zelden zo volledig genoemd hebben zien worden.
De repetitiviteit Over zulke politici worden geen samenvattende artikelen geschreven. Alle brieven en verklaringen, met slechts marginaal verschillende inhoud, worden uitgebreid geciteerd. De kwantiteit moet indruk maken, maar werkt in feite geestdodend.
Nieuws en commentaar ineen Nieuwsberichten worden steeds omkleed met verklaringen. Vaak raakt het eigenlijke nieuws daardoor in de verdrukking. Als hoopvol een bericht met de titel Disruption of Water Supply to Camp Ashraf in Iraq opent, blijkt het een brief te betreffen waarin een Canadees parlementslid zijn zorg over deze kwestie uitspreekt tegenover de Canadese minister van Buitenlandse Zaken (wel staat er een foto bij van wat een kapotte waterleiding zou kunnen zijn).
De epitheta Nooit wordt gesproken van de Iraanse regering of de Iraanse autoriteiten. Wel over het regime, of het clerical regime, of de mullahs, die bovendien wreed, middeleeuws en repressief zijn. In de talrijke berichten over executies wordt gesproken van de "mullah henchmen". Het Iraanse volk daarentegen is onderdrukt, en vaak heroïsch. Het is niet dat zulke epitheta de betroffenen onrecht doen. Het is alleen zo verschrikkelijk afgezaagd.
Kortom, het is een ander land en een ander medium, maar verder lijkt het of de tijd heeft stilgestaan en we een jaargang Izvestija of Pravda lezen. Of de publicaties van de revolutionaire bewegingen in Europa die zich door Rusland of China lieten inspireren.
Mag je uit het feit dat de PMOI niets echts over zichzelf vertelt concluderen dat het een gesloten, dictatoriale, sektarische organisatie is die ongetwijfeld dissidenten in eigen gelederen onderdrukt? Veel mensen vinden van niet. Ik vind van wel.
't Is een lang verhaal geworden. Wat ik toch nog moet melden, al is het maar omdat het allemaal begon met de multomap met gruwelfoto's van de SFVI: de obsessie met martelen. Martelen door de tegenpartij natuurlijk, maar toch. Zouden mensen die graag over martelen praten zelf makkelijker tot martelen overgaan - of het althans eerder gerechtvaardigd vinden dan mensen die er liever niet mee geconfronteerd worden? Gedachte-experiment: wat zou er met een folteraar van de Iraanse geheime dienst gebeuren als hij in handen van de Mujahedin viel? Ik denk... En vandaar is het nog maar een kleine stap naar het aanpakken van "verraders" in eigen gelederen. Bewijzen zijn mooi meegenomen, maar ik heb ze niet echt nodig.
vrijdag 18 augustus 2006
Reza Abedini de Reza van Marjane Satrapi?
Ik ben niet de enige die het zich afvraagt: is Reza Abedini die, zoals vandaag in de NRC staat de Prins Claus Prijs heeft gewonnen, "Reza" met wie Marjane Satrapi even getrouwd is geweest? Het kan haast niet missen zou je zeggen... geniale kunstenaar (de Reza en Marjane uit Persepolis waren steeds de besten van de klas), twee jaar ouder dan Satrapi.
In het blog Il latte della carta schrijft commentatrice Federica:
reza abedini mi piace tantissimo, l'ho scoperto qualche mese fa.Zo zie je maar weer, Italiaans lees je vanzelf als het onderwerp maar interessant is.
ora, gossip-question... non sarà mica lo stesso "reza" della satrapi (persepolis 2, il suo ex-marito)? è un po' che ci penso, se qualcuno sa, dica!!!
Gepost door
Wouter van den Berg
op
15:55
0
reacties
Labels: Bloggers, Italiaans, Marjane Satrapi
woensdag 16 augustus 2006
SFVI: niet doen
Zelden zoveel traffic gekregen als de afgelopen dagen op mijn stukje Vertalen is als een vrouw, waarin de SFVI (Stichting van de Familieleden van Iran) ter sprake komt. Blijkbaar zijn er veel mensen die in het winkelcentrum zijn aangesproken en thuis snel gaan kijken hoe het nu zit.
Wat mij op hun eigen website treft is het gebrek aan accountability. Van een club die duidelijk voor de hogere bedragen gaat verwacht je toch dat ze uitleggen wat ze precies met dat geld doen, en niet wat ze ermee kunnen doen. Ik kan op de hele site geen jaarverslag of welke andere financiële verantwoording dan ook vinden. Ik herinner me uit die multomap bedragen als 950 EUR voor een tv-uitzending, 300 EUR voor een advocaat, 50 EUR voor een folderactie - hoeveel tv-uizendingen zijn er het afgelopen boekjaar geweest, hoeveel advocatenkosten betaald? En hoeveel onkosten heeft de stichting gemaakt voor zijn eigen voortbestaan? Het geeft niet als daar wat aan op gaat, maar ik wil het wel weten.
Ik zei in mijn vorige stukje half grappend dat het net zo goed een communistische mantelorganisatie kon zijn. Dat idee had ik omdat de man die mij aansprak niet reageerde op mijn vriendelijke poging zelf aan het gesprek deel te nemen, waarbij ik Marjane Satrapi's meesterwerk Persepolis noemde. Ik zag dat als een bewust negeren van alles wat niet in zijn verhaal past, wat volgens mij duidde op een politieke agenda.
Nu heb ik dan eindelijk gedaan wat ik natuurlijk meteen had moeten doen: R., mijn enige Iraanse kennis, gebeld. Ze is de moeder van een klasgenootje van een van mijn dochters en ik spreek haar vaak bij het uit school halen. Ik weet dat ze over veel dingen hetzelfde denkt als ik.
"Ik heb je landgenoten bij de Albert Heijn 25 EUR gegeven," zeg ik. "Heb ik daar goed aan gedaan?" "Néé, zonde van je geld," zegt ze. "Dat zijn de mujahedin, ze veranderen hier in Nederland steeds van naam. Het is een verzetsbeweging." "Ah." zeg ik "Wat is hun signatuur, ongeveer?" "Tsja, Islamitisch-socialistisch-communistisch, zoiets. Beetje vreemde mengeling. Wat mij betreft zijn ze in ieder geval te politiek, ze zijn in hun eigen partij geïnteresseerd, niet puur in de mensenrechten zoals Amnesty International. Je kan je geld beter aan Amnesty geven." Ik: "Zouden ze wapens van mijn geld kunnen kopen?" R.: "Haha, zoveel koop je ook weer niet voor 25 EUR. Maar het is waar, ze voeren ook gewapende acties uit."
Ik denk niet dat je de huidige machthebbers in Iran zonder geweld weg krijgt. Maar met geweld ook niet. Je kan alleen maar hopen dat ze op een goed moment genoeg krijgen van hun fanatisme en beseffen dat je een land beter bestuurt zonder mensen met andere ideeën dan jij gevangen te zetten (en te martelen, te stenigen, op te hangen - afijn, als u dit leest heeft u waarschijnlijk de multomap gezien). Tot die tijd zit er niets anders op dan mensen die dat afschuwelijke regime ontvluchten in Nederland te verwelkomen. Dat hoeft niet veel te kosten, de meesten kunnen zelf geld verdienen. Maar als u toch iets in die richting wilt doen: overweeg eens om de UAF te steunen, een heel Nederlandse organisatie in de beste zin van het woord - je weet waar je voor betaalt.
Zo'n incasso is trouwens terug te draaien. Misschien doe ik dat.
Naschrift Meer, méér van hetzelfde, naar aanleiding van de vele, helaas anonieme, reacties (sorry, die functie is voor dit bericht en het volgende UITGESCHAKELD nu, heb geen hoop meer dat er nog iets interessants komt): Alfabetsoep, over de "moederorganisatie".
Gepost door
Wouter van den Berg
op
22:33
Labels: Iran, Marjane Satrapi, Politiek, SFVI
zondag 13 augustus 2006
Vertalen is als een vrouw
Op de stripboekenafdeling van Scheltema, waar ik bij nader inzien dus geen Gummbah kocht, had ik nog wel een ander idee: Persepolis van Marjane Satrapi te kopen. Ik moest vrij snel beslissen, want ik had mijn dochter van vijf meegenomen en stripafdelingen zijn tegenwoordig, blijkt, geen plaatsen voor kinderen. Seks en geweld alom, bijna geen normaal boek te vinden.
(Ik betrap me er trouwens op dat ik geweld tegenwoordig minder erg vind dan seks. De kinderen mogen naar Winx Club en wat al niet op de televisie kijken, maar onze shunga's zullen voorlopig niet aan de muur terugkomen. Zo was het ook met de strips: ik liet dochter van vijf verder bladeren in een gewelddadige mangastrip omdat ik twee meter verderop stapels boeken met blote vrouwen op de kaft had gezien. Zolang ze dáár maar niet heen zou lopen.)
Ik was aan Persepolis herinnerd toen een paar dagen eerder op een vertaalnieuwssite een interview met Marjane Satrapi voorbij was geflitst - uit 2004, dat heeft waarschijnlijk met de instellingen van de automatische nieuwsspeurdiensten te maken - waarin Satrapi de flauwe Franse wisecrack "Een vertaling is als een vrouw: ze is óf mooi, óf trouw" ter sprake bracht. Satrapi bleek de voorkeur te geven aan mooie vertalingen.
Terug uit de boekhandel las ik meteen het eerste deel van Persepolis. Nog beduusd door die lectuur moest ik echter nog de gewone boodschappen doen. Voor de deur van Albert Heijn stonden twee Iraniërs. Uiteraard werd ik door een van hen aangesproken (ik word altijd aangesproken, vooral door mensen die te verlegen zijn om iedereen aan te spreken), "over de mensenrechten in Iran". Ik: "Nou, u had me niet op een beter moment kunnen treffen, ik heb net het eerste deel van Persepolis van Marjane Satrapi uit." De Iraniër gaf geen krimp en vertelde over mannen en vrouwen die in Iran doodgemarteld waren. En vroeg of ik de Stichting van de Familieleden van Iran (SFVI) geldelijk wilde steunen.
Daar was ik niet te beroerd voor, maar ik had geen zin weer zo'n vast bedrag per maand over te maken dat alle liefdadigheidsclubs tegenwoordig vragen. 25 EUR in een keer dan, wat ik behoorlijk genereus van mezelf vond - die SFVI zou net zo goed een communistische mantelorganisatie kunnen zijn tenslotte, Satrapi geeft ook een aardig inzicht in de oppositionele krachten in Iran. De man, duizelig van succes (I.V. Stalin) wees me erop dat ik voor 50 EUR een hele folderactie kon betalen, maar nu was het mijn beurt om geen krimp te geven. 25 EUR dus, en thuis maar eens nakijken hoe goed ze zijn.
Ik zou zeggen: oordeel zelf, maar lees in ieder geval Marjane Satrapi, Persepolis, tweede druk van de eendelige uitgave net uitgekomen (augustus 2006), in een volgens mij redelijk trouwe vertaling uit het Frans van van Toon Dohmen.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
21:31
0
reacties
Labels: Boeken, Iran, Marjane Satrapi, Sex sells, SFVI, Vertalen
Gummbah
Op aanraden van Bie ging ik afgelopen week op de Gummbah-site kijken. Ik kende Gummbah nauwelijks, en Bie heeft niets te veel gezegd: er is op die site veel te beleven. Gummbah is in zijn zwart-wittekeningen te vergelijken met Kamagurka in zijn beste tijd. (Ik pak voor de zekerheid de oude albums uit de kast. Ze veroorzaken niet meer die minutenlange, keelpijn veroorzakende lachen, maar ik vind ze toch weer briljant.) Sommige tekeningen lijken zelfs hommages aan Kamagurka: setting en stijl zijn dezelfde (dokter en zuster bij patiënt, dichter en lelijke vrouw, oorlogvoerende generaals, excentrieke heren met butlers, meesters voor de klas), maar er zit steeds een net iets andere draai aan.
Ondanks de frappante overeenkomsten zijn er twee belangrijke verschillen met Kamagurka:
* Gummbah is een veel betere schrijver. Zijn langere stukken tekst zijn meesterlijk. Kamagurka heeft er ook altijd bij geschreven, heeft daar nu zelfs een hoekje voor in de NRC, ik geloof samen met Jules Deelder, maar dat is vreselijk flauwe leukdoenerij. (Ik heb in diezelfde tijd dat ik zijn albums "vers" kocht ook nog eens een theatervoorstellingen van hem bezocht en op de televisie gezien. Die werden alleen gered door Herr Seele).
* De obsessie met viesheid, depressie en verval. De grappen over seks zijn loodzwaar.
Die seksgrappen hebben mij er gisteren, toen ik me op een middagje boekenbonnen uitgeven bij Scheltema had getrakteerd en me voor had genomen er strips van te kopen, want die lees ik nog eens uit, van weerhouden een hele rij Gummbahs te kopen. Ik kan er zelf niet tegen, en ik heb ook geen zin stripboeken uit de buurt van de kinderen te houden.
Nog iets dat Gummbah en Kamagurka gemeen hebben: nodeloos harde uithalen naar Kuifje en Suske en Wiske. Erg grappig!
Gepost door
Wouter van den Berg
op
20:44
0
reacties
Labels: Gummbah, Kamagurka, Kuifje, Suske en Wiske
zondag 6 augustus 2006
Niet achter de geraniums
Het interview met Boudewijn van Eenennaam, vertrekkend ambassadeur uit Washington, en zijn vrouw Jellie, afgelopen zaterdag in NRC Handelsblad, roept herinneringen op aan het legendarische interview dat Ischa Meijer in 1984 had met Bram Peper, toen burgemeester van Rotterdam, die ook door zijn vrouw terzijde werd gestaan. Bram en zijn toenmalige echtgenote (kom, hoe heette ze ook alweer? Niet Neelie natuurlijk, die kwam later) lieten zich in dat interview als zulke proleten kennen dat je het met plaatsvervangende schaamte las - of leest, het staat in Ischa Meijer, De interviewer. 50 interviews uit 25 jaar interviewen (Amsterdam 1999), 230-236.
(Mijn vrienden en ik, toen etterbakken van 18, hebben nog enige tijd de eind-i's en -o's in Italiaanse namen verwisseld. Willy Alberto, dat werk.)Hij: "En dat we mensen van Boymans-Van Beuningen geschoffeerd zouden hebben."
Zij: "Daar kopt ook geen reet van. We zijn op zaterdagmiddag in de stad. En er was een Tintorettitentoonstelling. We hadden gezellig gestad. O, zo graag Tintoretti nog even zien. Kwart over vier. Wij ernaar toe. Bij de ingang woven ze al naar ons. Wij gelijk door. Tjee, waar is die Tintoretti? Suppoost zegt: 'Moet u twee trappen op, is daar achteraan.' Staan daar twee mannen: 'Ja, jammer, dan had u beneden een kaartje moeten kopen.' [...]"
Hij: "Wouen we even snel ruiken aan cultuur, weet je wel."
Zij: "En we hebben al weinig tijd." (p. 230-231)
Die "hij" en "zij"-vorm nu heeft interviewer Tom-Jan Meeus bij het uitwerken van zijn gesprek ook gebruikt. Dat is volgens mij al op het randje. Maar hij heeft nog iets uiterst villeins gedaan door, weer net als Ischa, letterlijker te citeren dan in interviews gebruikelijk is - vooral haar denk ik - waardoor de geïnterviewden, tsja, toch wat minder klasse uitstralen dan je van een ambassadeursechtpaar verwacht.
Zij: "Washington is een matriarchaat gewoon. Er zijn zo ontzettend veel vrouwenclubs. En door de vrouwen krijg je de mannen binnen. Het is constant netwerken. Niet alleen lunches, ook boekpresentaties, partijen, lezingen - de vrouwen zijn hier heel erg involved."En over senator John Warner, die de twee met wat stroop smeren verleidden tot het verzachten van een belastingmaatregel waar Nederlandse multinationals slachtoffer van zouden worden:
Bedrijft u ook diplomatie?
Zij: "Denk het wel. Ja. Natuurlijk. Ze vragen mij ook mijn mening over Nederland. Dus ik lees wekelijks het rapport van de directie politieke zaken. Je moet wel voorbereid zijn. Absoluut."
Hij: "Hij was dus vroeger getrouwd met Liz TaylorIs deze genadeloze portrettering verdiend? Ik ben bang van wel. Want als het over zwaardere dingen gaat is het allemaal even simpel, en dan is het opeens niet leuk meer:
Zij: "Was. Wás."
Hij: "Ik geloof dat hij haar vierde was"
Zij: "Hij is nu getrouwd met een vrouw van Nederlandse afkomst."
Hij: "Dat helpt dus, hè."
Zij: "Ja."
Zal de Afghaanse missie houdbaar blijven?
"Het is ons werk om daarvoor te zorgen. Ik ben erg blij dat we meedoen. In Nederland speelt altijd de vraag van de vuile handen. Wij hebben een neutralistische en pacifistische traditie: mensen blijven liever achter de geraniums zitten. Hier is de mentaliteit anders. En daar kunnen wij iets van opsteken. Iedereen om vijf uur naar huis - dat heb ik nooit iets gevonden. Je moet dúrven in het leven."
Tsjonge, het is ons werk om daarvoor te zorgen. Hoe stelt hij zich dat voor? Door zelf luchtsteun te gaan geven? Wat kunnen "we" (ik neem aan dat hij de politici en de diplomaten bedoelt) verder doen? Met vlaggen zwaaien misschien, laten merken dat we achter de jongens staan? Dat doen de Amerikanen niet eens meer voor hun Iraakse missie en de Afghaanse zijn ze al helemaal vergeten. Het is een compleet lege verklaring.
En dan zijn er mensen die niet veel zien in OORLOG VOEREN, ik kapitaliseer dat voor de zekerheid, want daarvoor zijn we in Afghanistan. De mensen die daar niet veel in zien blijven volgens Van Eenennaam liever achter de geraniums zitten.
Mag ik even heel onaardig zijn? Ik denk niet dat Boudewijn van Eenennaam een negen-tot-vijfmentaliteit heeft. Maar ik denk evengoed dat hij geen enkel recht van spreken heeft als het gaat over durven. De persoonlijke risico's die hij neemt zijn minimaal - een sociale afgang is het ergste dat hem kan overkomen. Bah, wat een bal.
Ik had ook nog even willen ingaan op het kokette "There will be new babes, no?" waarmee Jellie reageerde op de vraag wat de societybladen nu moesten nu zij en haar Jordaanse collega-diplobabe weggingen. Zie hier. Hoe zit het met dat woordje "no"? Sprak ze dat nog met een bepaald accent uit? Of is dat juist heel chic? Maar ik heb daar helemaal geen zin meer in.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
23:02
0
reacties
Labels: Afghanistan, Boeken, Ischa Meijer, Nederlands, Politiek
zaterdag 5 augustus 2006
Afghanistan en Vietnam
Ergens in Dagboek van een provocateur (ik kan de plaats niet terugvinden) schrijft Andrej Amalrik dat een gevangenisdirecteur (of een rechter, of een KGB-ondervrager) hem verwijt altijd maar weer over kleinigheden te beginnen. "Een gevangene heeft alleen maar kleinigheden om zich mee bezig te houden," antwoordt Amalrik. Dat geldt in zekere zin ook voor militairen. Arnon Grunberg heeft dat haarfijn aangevoeld.
Grunberg schrijft veel, daarom is hij wel eens wat slordig. In het helaas om zeep geholpen blog Watterstaat verhaalde Matthijs Bakker hoe hij door een medewerker van Arnon Grunberg was benaderd om te helpen een citaat van Jean Genet thuis te brengen. Matthijs herkende het niet, gaf een aantal alternatieve mogelijkheden maar uitte zijn twijfels over de herkomst. Het leek hem gewoon geen Genet. En hoewel ook bij verder onderzoek door Matthijs en mijzelf bleek dat alle sporen doodliepen - meest waarschijnlijke weg liep volgens mij via Ian Buruma in de New York Review of Books, die nog een slag om de arm hield, naar een blogger die zich waarschijnlijk helemaal vergiste - kwam het citaat doodleuk als van Jean Genet in een stuk in Vrij Nederland. Dat heeft zo'n jongen toch niet nodig, zouden we Herman Finkers kunnen citeren.
Maar in het eerste verslag dat hij gisteren in NRC Handelsblad publiceerde als "embedded journalist" met de troepen in Afghanistan had hij geen citaten nodig, en was hij helemaal in zijn element. Voor wie in het leger heeft gezeten en vooral voor wie wel eens op een missie is geweest is het uiterst herkenbaar. Je leest dingen die je bij anderen niet leest. Kleinigheidjes.
"Ben je al eens eerder in Afghanistan geweest?" informeerde ik.
"Al twee keer", zei de sergeant, "maar dit keer heb ik een kaasschaaf bij me". En er verscheen een triomfantelijke lach op zijn gezicht. hij zei, alsof hij iets vertrouwelijks vertelde: "Als ze eenmaal in de gaten hebben dat je kaas bij je hebt, wil iedereen een stuk. Maar als ze met een zakmes in de kaas gaan snijden, dan is die zo op. Daarom heb ik dit keer een kaasschaaf meegenomen, zoadat iedereen een dun plakje krijgt, begrijp je? Zodat ze dit keer mijn kaas niet voor mijn neus opvreten."
Verdomd, dit heb ik precies zo meegemaakt in Irak. Je kan het een kleinigheidje vinden, maar als jij de moeite hebt genomen dat blok kaas dat hele eind mee te nemen, of je familie heeft de moeite genomen het op te sturen, dan is het niet leuk als je zelf alleen het laatste stukje uit de korst mag snijden. (En van een mooie dunne plak proef je ook nog eens meer dan van een dikke.)
Verder komen er in dit eerste stuk al twee zaken aan de orde die in verslagen naar mijn mening vaak ondergewaardeerd worden: (1) het wachten, en (2) het gebrek aan privacy. En dat terwijl Grunberg nog niet eens op de plaats van bestemming is - ze zijn gestrand in een luxe hotel in de Sharjah.
Wel kwam Dennis zonder kloppen de badkamer binnen toen ik daar stond te douchen, maar ik begrijp dat oorlog en kloppen niet samengaan. Ik droogde mij haastig af, terwijl Dennis een plasje pleegde. Om de situatie niet onnodig te laten escaleren, informeerde ik: "Wat gaat luchtmobiel eigenlijk in Afghanistan uitspoken?"Grunberg heeft het hier nog niet over, maar hij zal het merken: alleen masturberen word je geacht uit het zicht van je maten te doen. Dus probeert iemand zich uit de groep te verwijderen dan weet de rest wat hij gaat doen.
"Wij gaan de PRT's beschermen", zei hij en hij trok door.
Grunberg kan natuurlijk niet meteen alles doorgronden. Op sommige dingen verkijkt hij zich. Zo denkt hij dat hij een van de zeldzame leden van de Apocalypse Now-sekte heeft ontmoet, waar ook hij toe behoort. Maar die sekte was in ieder geval in mijn tijd in het leger enorm. Naar Tour of Duty keek je voor de velddiensttekens, naar Apocalypse Now om te begrijpen wat oorlog was. En om te zien waarom de Amerikanen verloren hadden in Vietnam: allemaal gemengde tenues.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
22:51
0
reacties
Labels: Afghanistan, Andrej Amalrik, Apocalypse Now, Arnon Grunberg, Boeken, Film, Kleding, Oorlog, Politiek
dinsdag 1 augustus 2006
Russisch ophalen
We hebben een Russin te logeren. Dat betekent dat ik voor het eerst in jaren weer meer dan drie zinnen achter elkaar Russisch spreek. Over het algemeen ben ik blij met wat ik heb onthouden. Naamvalsuitgangen, blijkt maar weer eens, kan je op een moment niet meer vergeten. (Het moeten natuurlijk wel vormen zijn die je ooit beheerst hebt; sorok, veertig, verbuigen is wat mij betreft altijd een circusnummer geweest. Gelukkig moet je wel heel veel Russisch spreken om dat ooit te hoeven doen). Het vinden van de juiste woorden is een stuk moeilijker. Ik merk dat ik voor simpelere werkwoorden kies dan ik vroeger gedaan zou hebben. Woorden voor gewone dingen weet ik soms wel, soms niet. Het onmogelijke prostynja (laken, klemtoon op de laatste lettergreep) komt er zo uit. Maar katsjel' (schommel) was ik compleet vergeten.
Omdat het een leuke Russin is, moet ik helaas grapjes maken. Zoontje van drie grist terwijl ik de tassen nog uit de auto wil halen de sleutels uit mijn hand om te proberen de deur te openen. "Sam i srazu, eto ego filosofija v dvuch slovach," zeg ik: "zelf en meteen, dat is in twee woorden zijn filosofie." Het is geen grapje dat ik in het Nederlands zou maken. Te bot, en bovendien is het duidelijk dat ik het noodgedwongen kort moet houden.
Maar het is ook een poging tot Russische humor. Dat altijd maar ter sprake brengen van filosofie (of desnoods alleen het woord "filosofie"), het combineren van diepzinnigheid en platheid: "Is zo'n restaurant niks voor jou?" vroeg G. tijdens het eten aan een Russische zakenpartner. "Nje-a," antwoordde deze. "Voordat je zo'n bord oecha op tafel hebt... En dan verdien je daar maar vijf cent op. Ieder mens heeft zijn roeping." En vervolgens, met een Poetin-lachje: "Mijn roeping is snel en veel."
(Poetin zelf kan trouwens zeer ad rem zijn: tijdens het eerste bezoek van George Bush aan Rusland werd hun beiden op een persconferentie gevraagd wat ze van de brain drain, het verschijnsel dat hoogopgeleide Russen zodra ze de kans krijgen naar het buitenland - meestal Amerika - vertrekken, vonden. Bush keek uiteraard of hij het in Keulen hoorde donderen. Poetin reageerde intussen elegant met "Als ik voor ons samen mag antwoorden: ik ben ertegen, George is ervoor.")
Ik vertel onze logée dat ik tijdens de afgelopen hittegolf maar weer eens Een dag van Ivan Denisovitsj heb opgenomen, in lijn met het halfzachte advies dat je, omdat temperatuur tussen de oren zit, gewoon aan de winter moet denken. Ik heb dat verhaal nooit uitgekregen zeg ik, want ik wil graag alles begrijpen. Maar af en toe begrijp ik zelfs hele zinnen niet. Dat schiet niet op. "Kosjmar," zegt ze, "Solzjenitsyn schrijft expres zo moeilijk, daar lezen wij overheen." Ik laat me niet kennen. Als ik het uit heb kom ik er uitgebreid op terug.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
00:32
0
reacties
Labels: Aardappelpsychologie, Alexander Solzjenitsyn, Filosofie, Kinderen, Rusland, Russisch, Vrouwen
zondag 30 juli 2006
Een auto is geen luxe
Nieuws in de categorie "deden ze dat dan nog niet?" hoorde ik in de auto terug uit Enschede op de BBC-radio: Renault ontwerpt nu auto's "with the end price in mind". Opeens begrijp ik waarom auto's zo duur zijn. Maar welke Renault was dat dan? Door een plaatselijk onweer was de radio gestoord, dus ik hoorde het fijne er niet van. Checken. Het zal over de Dacia Logan gegaan zijn. Een mooi initiatief, want zoals elke Rus weet:
Een auto is geen luxe, maar een vervoermiddel.Dit citaat, waar in Rusland eindeloos op gevarieerd wordt - dat is ook heel makkelijk, je hoeft alleen maar de puntjes in te vullen: "... is geen ..., maar ...", waarbij je desnoods op niet één van die plaatsen het oorspronkelijke woord laat staan - is afkomstig van Ilf en Petrov, en wordt in de mond gelegd van de oplichter Ostap Bender, in het meesterwerk Het gouden kalf.
Dat Bender dat boek nog haalde, is een klein wonder, want hij sterft aan het einde van het eerste boek over zijn avonturen, De twaalf stoelen. Uit het (alleen Engelstalige) Wikipedia-artikel over Bender leer ik dat dit een voorbeeld van retconning is. Wat dat allemaal kan inhouden is te veel om op te noemen. Het voorbeeld dat alle jongetjes vroeg of laat leren is het vangnet tussen de rotsen. Zorro (of een tegenstander van Zorro) redde zich ooit zo. En professor Lupardi uit de Kapitein Rob-boeken, zoals Wim de Bie onlangs memoreerde (scroll omlaag naar 20 juli).
Retconning is geen noodgreep, maar een middel om het verhaal voort te zetten.
Naschrift In het Russisch luidt het citaat:
Avtomobil' ne roskoš', a sredstvo peredviženijaHeel letterlijk vertaald:
Automobiel geen luxe, maar middel [van] verplaatsingHet Russisch kent geen lidwoorden en je laat het woordje "is" meestal weg; die moet je in vertaling naar correct Nederlands dus toevoegen. Dat maakt die vertaling drie lettergrepen langer. Maar in het Nederlands zeggen we meestal geen "automobiel" meer, maar "auto" (twee lettergrepen minder), en kennen we het keurige woord "vervoermiddel" voor "sredstvo peredviženija" (vierlettergrepen minder), dus hebben we voor de afwisseling eens een vertaling die compacter is dan het origineel.
Dat is mooi, maar de Nederlandse versie
Een auto is geen luxe, maar een vervoermiddelis wel erg onevenwichtig, met die korte clincher - "sredstvo peredviženija" bouwt prachtig op. Waarschijnlijk daarom heeft S. van Praag, die ik in mijn stukje over de "Russische Bibliotheek" van het Kruidvat een goedwillende amateur noemde, een woordje toegevoegd. Karel van het Reve, die Ilf en Petrov leerde kennen via "de dikke van Praag" schrijft:
Mompelt een Rus in mijn bijzijn: "De automobiel is geen luxe..." dan vul ik automatisch aan: "... maar een nuttig vervoermiddel." Karel van het Reve, 'Waar zijn mijn lievelingstijgers' in De Russen in mijn kast (Amsterdam 1990) p. 67-76, p. 70Dat toevoegen van "nuttig" is eigenlijk niet goed te praten, maar het is net als met de Asterix-vertalingen. Goed of slecht, als je ermee bent opgegroeid wil je niets anders meer.
Gepost door
Wouter van den Berg
op
23:38
0
reacties
Labels: Boeken, Deden ze dat dan nog niet?, Film, Gevleugelde woorden, Karel van het Reve, Russisch, Vertalen