zondag 14 december 2008

Allewiejo, allewajo

Chartreuse gaat boven kummel, in al de landen van de wereld, weten we sinds Lijmen. En Ben legde onlangs uit (in een commentaar op mijn stuk over Boris Ryzhy) dat het wereldwijd de gewoonte is meerdere zelfmoordpogingen te doen voordat er een lukt. In het algemeen moet je oppassen op grond van enkele waarnemingen een wereldwijde geldigheid van een bepaald verschijnsel te vermoeden. Ik wilde iets over theater en wereldwijde karaktertrekken van acteurs zeggen, maar aarzel nu. Ik weet alleen hoe het in Amsterdam is, en dan alleen nog in het stuk dat ik gisteravond zag, op uitnodiging van de Rabobank, die behalve onze bank ook sponsor is van de Stadsschouwburg.

Ik hoorde Paul Haenen zich ooit eens op de radio boosmaken over een recensent die de makers van een toneelstuk van vlerkerigheid betichtte. Het is een mooi woord, dat ook past bij de voorstelling Het temmen van de feeks door Toneelgroep Amsterdam. Veel ruwe seksgrappen, onfunctioneel bloot (of beter: bloot dat niet zo door Shakespeare was voorgesteld en dat het verhaal wel heel ongeloofwaardig maakt; het heeft wel degelijk een belangrijke functie, namelijk de aandacht van het publiek terugkrijgen op punten dat het zou kunnen beginnen te morren over het verhaal dat maar niet opschoot), stevig knijpen in blote borsten (helemaal echt), kotsen, neuken, scheten laten, plassen en heel veel dingen vies maken en stuk gooien. Vooral dat laatste kunnen mijn vrouw en ik slecht tegen. De stomerij- en reparatiekosten doen pijn, als ze zo makkelijk te voorkomen waren.

Maar het ergst was de zelfvoldaanheid waarmee ze hun grappen maakten. De perfect ingestudeerde liederen en yells. Iedereen in voetbalsupportersoutfit op het huwelijk, behalve Petruchio, die in keurig pak komt en daarom gekapitteld wordt om zijn respectloosheid. Omkering, woeha! Tevens lijkt de regisseur hiermee de meer geschoolde toeschouwers te willen laten zien dat hij over een goede cultuurhistorische bagage beschikt: carnaval, de wereld wordt even op zijn kop gezet. Meester wordt ook knecht, en knecht meester. Ja hoor, ík snap het, ík heb ook een alfa-vak gestudeerd. Ik kan het daarom wat beter "plaatsen" dan de melkboeren en aannemers van ons Rabobank-gezelschap. Maar verder dacht ik er hetzelfde over.

Of nee. Die melkboeren en aannemers waren veel positiever dan ik. Ja, wel wat veel bloot en wat ruwe taal, zeiden ze achteraf. Maar de teneur was: we gaan naar modern toneel, dit hoort erbij. "Wat een geweldige aanklacht tegen vrouwenmishandeling", zei een dame zelfs. Dat zo'n welwillend publiek voor de gek wordt gehouden door arrogante toneelkwasten, dat vind ik misschien nog het ergste.

5 opmerkingen:

Ben Hoogeboom zei

Mooi stuk, dat een lezer net zo kwaad kan maken als de schrijver.
Een van de redenen waarom ik nooit naar het Nederlandse toneel ga, maar veel liever de originele tekst van het toneelstuk lees: de neiging van veel regisseurs en ‘dramaturgen’ om in de originele tekst te gaan zitten veranderen. Ze weten immers veel beter dan Tsjechov of Shakespeare hoe een tekst moet luiden, tegenwoordig. Ook weten ze veel beter dan Tsjechov en Shakespeare wat de theaterkijker van nu allemaal wil zien.
Het gevolg daarvan is dat ze van een prachtige zin van, ik meen, Bianca (‘Old fashions please me best; I am not so nice, / To change true rules for odd inventions’) een gereutel in het Nederlands vol scheten en geneuk maken.

Jan zei

Mijn moeder was ook naar deze voorstelling geweest, en in de pauze weggegaan. Maar zij gaat regelmatig naar toneel, ook naar Toneelgroep Amsterdam, en is daar meestal zeer over te spreken. Waar uit zou kunnen blijjken dat grofheden/bloot/etc in een klassiek toneelstuk niet per se een slechte voorstelling hoeven op te leveren. Net zoals alliteratie soms wel en soms niet werkt, om KvhR er maar bij te halen.

Met opera heb je het trouwens nog erger: regisseurs die uit allemacht proberen een stempel op een opera te drukken, wat nog desastreuzer uit kan pakken, omdat muziek en tekst vast staan. Maar het gekke is, dat het ook hier soms plotseling *wel* goed werkt. Je moet alleen wel tien opera's gaan zien om die ene geweldige ook tegen te komen.

Over functioneel bloot mag Finkers niet onvermeld blijven:
- Ik heb geen problemen met bloot op de TV, maar het moet wel functioneel zijn
- Hoe bedoelt u, functioneel?
- Ik moet er wel een stijve van krijgen.

Masjenka zei

Niet alleen een Amsterdams fenomeen, same shit hier in Vlaanderen. Ook in de opera, maar gelukkig niet altijd. Vraag me af hoe het er bv in Londen aan toe gaat.

Jan zei

Aan de andere kant heb ik ook een keer de opera van Kirov(?) in Den Haag gezien, met iets van Moessorgski(?). Mooie muziek, geweldige stemmen, authentiek 90-jaar oud decor, geheel traditionele voorstelling.

En het was doodsaai, vooral door de oubollige regie. Dus daar had een beetje peper niet misstaan. Al denk ik dat een goede regisseur ook met die gegevens een spannende voorstelling had kunnen maken.

Overigens luister ik opera's het liefst thuis op CD. De rest leidt maar af :)

Ben Hoogeboom zei

Ik merk dat het nu over opera’s gaat, de musical van toen. Ik heb daar geen verstand van, ik ken drie opera-melodieën die min of meer aardig zijn, en meer bestaan er niet volgens mij. Operatéksten die aardig zijn, ben ik nimmer tegengekomen.
Maar hoe moeten we het Nederlandse toneel er weer bovenop helpen. Daar ging het Wouter om en daar gaat het mij ook om. Volgens mij gaat het om: het afschaffen van de aanstellerij, het afschaffen van het verschrikkelijke toneelwoordengebruik (‘Kindje, zou je dat wel dóen!?’) en zulke zaken meer. Het bevorderen dus van meer eerlijkheid en meer gevoel voor proporties en meer redelijkheid.