woensdag 31 december 2008

95 boeken per jaar

Teagan Goddart schrijft:

In one of the more unbelievable anecdotes to come out about President Bush as he winds down his presidency, Karl Rove says his former boss has read 95 books in the last three years.
Dit klopt niet helemaal: lees hier het stuk van de boef Rove zelf. Het zijn 95 boeken in 2006, en ik vind het geloofwaardig. Ik zie bijvoorbeeld de Mao-biografie van Jung Chang en Jon Halliday terug, waarover ik eerder blogde, en nog een heleboel andere boeken waarvan ik denk: ja, dat kan heel goed.

Maar laten we conservatief zijn - dan nog bevestigt dit leesgedrag Bush' luiheid, die zijn presidentschap volgens veel commentatoren tot een van de zwakste van deze eeuw maakte. Stel:

* Bush las de helft van die boeken helemaal uit, en de andere helft voor de helft - genoeg om tegen Rove, met wie hij de laatste drie jaar een leeswedstrijd hield, te kunnen zeggen: dat heb ik gelezen;
* de boeken in de lijst zijn representatief;
* de gemiddelde lengte, voetnoten en registers niet meegeteld, is 500 bladzijden;
* hij las 40 pagina's per uur - een tempo dat ik met die boeken niet haal, want Amerikaanse boeken hebben meestal forse en goed gevulde pagina's, maar Bush leest in zijn moedertaal en leest over onderwerpen waar hij al behoorlijk in thuis is (er zit veel aan twintigste-eeuwse Amerikaanse geschiedenis en biografie tussen en laten we niet vergeten dat hij aan Yale University geschiedenis studeerde)...

... dan kom ik op een slordige 2,5 uur lezen per dag. Elke dag.

Dat is mooi, jaloersmakend zelfs, maar nu moet ik toch even streng worden. Want terwijl hij boeken las had hij briefings kunnen lezen. Zijn boekenkeus getuigt van een goede smaak, en hij zal er best veel van opgestoken hebben. Maar boeken lezen, vooral dikke, is een weinig efficiënte manier van kennis vergaren. Als president heb je het voorrecht dat je alles wat je weten moet door deskundigen samengevat tot je kunt nemen. En als je iets niet begrijpt kun je het altijd vragen. Maar dat deed Bush allemaal niet. Hij dacht na het avondeten dat hij wel genoeg wist om de volgende dag door te komen, en pakte een boek. Het past helaas heel goed bij het beeld van de president die niet echt geïnteresseerd was in zijn werk.

Evengoed: we moeten toch maar ophouden met Bush-bashen. Het begint pijnlijk te worden. Hij heeft zijn portie wel gehad. Behandel hem zoals we willen dat de Republikeinen Obama behandelen. Hij is bovendien machteloos (hij kan alleen nog wat politieke criminelen gratie verlenen, zie mijn vorige post en zie vooral hier - ik pretendeer niet ook maar de helft te begrijpen, maar het is een blog met niveau). Dus ik bedoel maar: moeten we natrappen?

En dan las hij ook nog eens minder dan Rove, die zegt dat Bush "lamely insisted he'd lost because he'd been busy as Leader of the Free World." Ik kan er niets aan doen, ik vind dat soort grapjes leuk.

donderdag 25 december 2008

Problemen zien

Uit de tijd dat Kamagurka nog echt helemaal geweldig was - hij is nog steeds heel goed natuurlijk, maar nu heb ik het over de vroege jaren '80, toen elke cartoon goed was voor een lachkramp -, stamt diens bij ons thuis gevleugelde woord "U ziet geen problemen waar er wel degelijk problemen zijn". (Check de achterpagina van De Rimpelclub.)

Dit zou een motto van Karel van het Reve kunnen zijn. Terwijl iedereen met de fatwā op Rushdie bezig is, vraagt VhR zich af hoe de moordenaar aan zijn geld zal moeten komen. Kort maar krachtig schetst hij (Luisteraars, p. 269-270) de problemen waar niemand zich in zijn verontwaardiging mee bezighoudt, maar die voor iemand die serieus overweegt de gewenste moord te plegen zeer reëel zullen zijn. Het lijkt me heel goed mogelijk dat juist die praktische bezwaren de belangrijkste reden zijn dat Rushdie nog leeft. In het uitgebreide stuk over de controverse op Wikipedia worden alle pogingen tot aanslagen vermeld. Maar niemand lijkt zich af te vragen waarom het er eigenlijk zo weinig zijn geweest. Ook niet in de Nederlandse versie. De wikipedisten kennen hun Van het Reve niet.

Als ik een Karel van het Reve-medaille zou mogen uitreiken aan mensen die reële problemen zien waar anderen ze niet zien, zou die misschien naar de Votemaster gaan, die ook nu de presidentsverkiezingen voorbij zijn nog geen zin heeft om te stoppen met het magistrale politieke blog Electoral Vote Predictor. De laatste weken gaat het vooral over het samenstellen van het Team Obama en over de nog onbesliste senatorverkiezing in Minnesota, maar dan staat er opeens weer zo'n berichtje tussen:

On Dec. 23 President Bush pardoned Isaac Toussie, who had defrauded low-income home buyers, then on Dec. 24 he revoked the pardon. It is a bit early to tell how this will play out, but suppose Toussie goes to federal court to claim "once a pardonee, always a pardonee" and loses. In other words, suppose the courts rule that if Presidents have the power to pardon, they also have the power to revoke a pardon. That could have implications if President Bush pardons members of his administration on his last day in office and then incoming President Barack Obama revokes the pardons. This is definitely uncharted territory.
De zaak wordt ook elders besproken, maar niet met dat cruciale extra inzicht erbij dat dit een precedent kan zijn: als een president een gratie mag herroepen, mag hij ook een gratie van een voorganger herroepen, want presidenten verlenen die graties natuurlijk niet op persoonlijke titel.

De kans lijkt me groot dat juristen van Bush het probleem intussen gesignaleerd hebben, en dat de herroeping weer herroepen zal worden (die graties worden immers vaak gebruikt om politieke schurken immuun te maken, en Bush zal er ongetwijfeld de komende weken meer willen verlenen). Misschien hebben ze het dan zelf bedacht, maar het is niet uitgesloten dat ze daarmee geïnspireerd zullen zijn door de Votemaster, want die kreeg, hou je stoel vast, medebloggers, op 3 november (dag voor de presidentsverkiezingen) 1,34 miljoen bezoeken en op deze slapste dag van het jaar nog altijd tienduizenden. Anders dan Karel van het Reve, van wie waarschijnlijk minder dan een miljoen mensen ooit gehoord hebben, is de Votemaster niet miskend.

woensdag 24 december 2008

Karel van het Reve geeft antwoord

Als ik wel eens moeite met Karel van het Reve heb, is het omdat hij de dingen die ik van hem wil weten met zo verschrikkelijk veel moeite prijsgeeft. Zo weet ik dat hij een hekel aan Noam Chomsky had, maar hij geeft naar mijn mening slechts het begin van een uitleg, in maar één fragment:

Wil een gedachte veel mensen geestdriftig maken, dan moet hij a. in een betrekkelijk eenvoudige, althans aanleerbare formulering aan te duiden zijn; b. de indruk maken nieuw te zijn; c. aansluiten op een bekende gemeenplaats en d. onjuist zijn. De mensen zijn het gelukkigst als zij iets ouds, gangbaars en vulgairs kunnen ondergaan als iets nieuws en origineels. Marx en Freud zijn voorbeelden van zulke 'grote combinatoren'. Een aardig modern voorbeeld lijkt mij Chomsky: iedereen kan meedoen, want iedereen heeft op school geleerd dat 'Jan slaat Piet' en 'Piet wordt door Jan geslagen' twee zinnen zijn die hetzelfde betekenen, wat niet waar is.
('Grote combinatoren' is een verwijzing naar de oplichter Ostap Bender, hoofdpersoon van de romans van Ilf en Petrov, die zich de veliki kombinator noemt.)

U zult het met me eens zijn dat dit een zeer, zeer goed stukje is. Je kunt bij elke intellectuele "hype" Van het Reve's lijstje afgaan. Maar u zult het ook met me eens zijn dat de voorbeelden summier zijn. Met Marx en Freud geeft dat niet, die komen elders in VhR's werk genoeg aan de orde. Maar Chomsky niet.

Soms geeft VhR toch ergens extra uitleg. Min of meer per ongeluk, alsof hij vergeten was dat hij iets al eens eerder ter sprake had gebracht, en het toen bij de meer cryptische versie had gelaten. Dit gebeurt zelfs verschillende keren in de Apologie, een bibliofiele uitgave (150 exemplaren), waarin hij een voor een de bijdragen in het liber amicorum Uren met Karel van het Reve bespreekt.

Neem 'Oberhausen'. Sjifra Herschberg vertelt nog eens over de student die had beweerd dat Byron daar gewoond had. VhR schreef er al over in Afscheid van Leiden, echter zonder te vertellen hoe het precies zat. Sterker nog: hij maakt er een raadsel voor de lezer van door te zeggen dat het hem dagen heeft gekost te bedenken hoe het dan wél zat. Niets van die mystificaties in de Apologie:
Hier ware enige uitleg op zijn plaats geweest. Die student schreef dat Byron op een bepaald moment 'zich in Oberhausen vestigde'. Na veel nadenken begreep ik, dat die student een Duitse encyclopedie had geraadpleegd en daarin iets gevonden had van 'er nahm seinen Sitz im Oberhaus ein'.
Hier voeg ik nog maar even toe dat dat Oberhaus het Britse House of Lords is, waar Byron als lord zitting in mocht nemen.

Heel belangrijk was voor mij de vondst over het 'er tegenop zien om doodgeschoten te worden', de reden die Karel van het Reve op verschillende plaatsen opgeeft om niet bij het verzet te gaan. Ik heb die uitleg altijd erg onbevredigend gevonden. Je zou kunnen denken dat hij zichzelf voor een lafaard hield. Je zou, als je niet beter wist, zelfs kunnen denken dat hij dat ook was. Dit net iets langere stukje over zijn werk voor de verzetsgroep van Robert van Amerongen schept duidelijkheid:
Het kostte hem enige moeite mij te overreden mee te doen. Ik had er een verschrikkelijke hekel aan te worden doodgeschoten. Ik was gaarne bereid iets te doen waarvoor ik de rest van de oorlog in een kamp of een gevangenis zou moeten zitten - iedereen was, vond ik, verplicht zo'n risico te nemen - maar tegen dat doodgeschoten worden zag ik erg op. Elke maand stonden er wel wat namen van doodgeschotenen in de krant. Soms waren dat mensen die ik gekend had. 'Jij wilt mijn naam in de krant hebben,' zei ik tegen Robert. 'Zo gevaarlijk is het niet,' zei hij, en toen deed ik mee.
Robert van Amerongen viel de eer te beurt de biografische schets te mogen schrijven die in deel I van het Verzameld Werk is opgenomen. Daar staat in dat Max Pam Van het Reve eens vroeg of hij nu wel of niet voor de CIA had gewerkt, en dat Karel toen antwoordde: 'Dat mogen wij niet zeggen.' Van Amerongen doet Pam daarmee enig onrecht, want elke Karel van het Reve-fan weet dat dat een vaste anekdote is. Ik herinner me dat VhR hem ter sprake bracht in het radioprogramma Met het oog op morgen, toen hij geïnterviewd werd over de Geschiedenis van de Russische literatuur. In mijn herinnering had hij het over een studentenbijeenkomst, waarin hem de vraag op agressieve toon zou zijn gesteld. Pam nu is ook een Karel van het Reve-fan, en zal nooit pretenderen dat VhR juist hem voor het eerst dat mooie antwoord heeft gegeven. Dat doet hij ook niet in het stukje waar Van Amerongen zijn informatie waarschijnlijk vandaan heeft. In de Apologie komt dezelfde anekdote zo ter sprake:
(Laatst ontmoette ik iemand die me in de jaren zeventig geïnterviewd had voor de radio en mij gevraagd had of ik echt een agent van de CIA was. Ik had volgens hem geantwoord: 'Dat mogen wij niet zeggen.')
Dit blijft een kwestie die nader onderzoek behoeft.

zondag 21 december 2008

Your Own Private Idaho

Een mooie van president Johnson, een variant op "never bite the hand that feeds you" en tevens op het altijd leuke (als je moeite met de politie hebt) "next time you're in trouble call a hippie", die ook nog eens actueel is in het kader van de Bridge to Nowhere-discussies.

James Reston was een zeer gerespecteerd journalist, die zich had uitgesproken tegen verdere inmenging in Vietnam. Frank Church was een senator van de staat Idaho, die bij zijn aantreden in 1957 niet meteen begreep wie er de baas was in de senaat, namelijk Lyndon B. Johnson, toen majority leader. Johnson zei hem bij zijn aantreden dat hij geacht werd voor het wetsvoorstel te stemmen dat zodadelijk aan de orde zou komen. Church stemde tegen, en werd een half jaar genegeerd door iedereen die ertoe deed.

Daarna schatte hij de situatie jarenlang beter in, en eigenlijk deed hij dat nog steeds toen hij in 1965 Johnsons Vietnam-beleid aanviel en daarbij verwees naar een stuk van James Reston. Johnson:

Frank, next time you want a bridge or a highway in Idaho, go ask James Reston.
Ik heb dit... niet uit Robert Caro's onvolprezen meesterwerk The Years of Lyndon Johnson, waar ik, zoals trouwe lezers van dit blog weten, nu al een maand of zes in bezig ben. Dat is nog niet bij het presidentschap. Het komt (met wat bij elkaar gesprokkelde extra informatie) uit een boek van Jan Donkers, De tweede Amerikaanse eeuw. Gisteren voor 7,90 EUR gekocht bij de Linnaeus Boekhandel. Dat is een van de beste boekhandels van Amsterdam. Stapels van de delen I en II van het Verzameld Werk van Karel van het Reve, maar ook koekboeken, kunstboeken, buitenlandse boeken, ramsj, en een uitstekende afdeling kinderboeken. Voor elk wat wils.

zaterdag 20 december 2008

Helden op sokken

Sorry voor de corny titel, maar hij dekt zo perfect de lading dat ik niet anders kan. Muntader al-Zaidi gooide zijn schoenen naar de man die van Irak het enige Arabische land heeft gemaakt waar je schoenen naar een bevriend staatshoofd kunt gooien en eraf komt met een spontaan pak slaag en (misschien) twee jaar gevangenis. "That's the price of freedom", was een van Bush' hoffelijke verklaringen na het incident. Aardig is ook hoe gemengd de reacties in Irak lijken te zijn. De reacties in de rest van de Arabische wereld daarentegen vervullen je met plaatsvervangende schaamte:

* Een Libische liefdadige instelling looft Muntader een prijs voor dapperheid uit. (Voor zo'n actie is in Libië een bijzonder soort doodsverachting nodig.)

* Een Saoedi-Arabiër biedt 10 miljoen dollar voor de schoenen, vanwege de morele waarde die ze vertegenwoordigen.

* Een zakenman in Bahrein schenkt een Mercedes-limousine. Hij piekert nog hoe hij de overdracht gaat regelen, want het is zijn eigen auto (bouwjaar 1990).

* Een Egyptenaar biedt zijn huwbare dochter aan. Dochter Amal vindt het geen slecht idee, zou ook best in Irak willen wonen.

Ik begrijp dat tegen de stroom inzwemmen in die landen dodelijk is, en ik verlang dat van niemand. Tandenknarsend afwachten tot het over is met die weerzinwekkende regimes, en proberen te leven, lijkt me het devies. (Is het u wel eens opgevallen dat de Arabische landen zo ongeveer de laatste echte dictaturen ter wereld zijn? Dat was 20, 30 jaar geleden wel even anders. We've come a long way, en verandering ís dus mogelijk.) Zo met de stroom méé zwemmen is verachtelijk. Stelletje hielenlikkers!

woensdag 17 december 2008

Waar is dat geld gebleven?

Ik was voorzichtig begonnen aan een serie over MMM (hier deel 1), een van de grootste Ponzi schemes ooit - dacht ik. Maar nu blijkt Mavrodi een kleine jongen vergeleken bij Madoff. Of niet?

Een vraag waar ik geen antwoord op heb gevonden is: waar is al dat geld nu? Als ik het goed begrijp heeft Madoff op dit moment voor 50 miljard aan schulden. Maar hij heeft dat geld niet zelf opgemaakt - daar is het te veel voor. Stel dat hij zich de laatste dertig jaar een salaris toekende van... 10 miljoen dollar per jaar? En zijn zoons en zakenvrienden de laatste jaren ook. Zouden ze misschien 1 miljard dollar van dat geld voor zichzelf hebben kunnen houden? Vooruit, laten we dat aannemen. Normaliter zou dat geld hun als fondsbeheerders toekomen, maar nu zou het frauduleus verkregen zijn, dus ja, dat is gestolen, verduisterd, hoe je het noemen wilt. Een heel bedrag natuurlijk, en het zal niet makkelijk terug te vorderen zijn.

Maar dan blijft er nog een slordige 49 miljard over die niet wederrechtelijk door Madoff en zijn kornuiten is toegeëigend. Die staat niet op enige rekening van Madoff, noch als geld, noch als beleggingsproduct. Waar is dat deel van het geld dan? Me dunkt dat het als winst is uitgekeerd. En omdat de begunstigden bona fide beleggers waren, zullen ze die winst weer goed hebben gebruikt - voor een zorgeloze oude dag, voor mooie liefdadige projecten, maar vooral weer voor andere investeringen. Het geld is dus op een gezonde manier in omloop gebleven, zij het wat anders verdeeld dan de bedoeling was: met veel winnaars (degenen die er door geluk of wijsheid tijdig uitstapten) en met een aantal forse netto verliezers (degenen die er de afgelopen weken te laat bij waren - en de sukkelige banken die leningen verstrekten opdat beleggers nog meer bij Madoff konden beleggen; die banken wil ik hier verder buiten beschouwing laten, maar ook voor hen zal gelden dat ze ook aan Madoff verdiend zullen hebben).

Hoe erg zijn die netto verliezers er aan toe? Ik vraag me af of bij die 50 miljard "verlies" die steeds weer wordt genoemd, rekening is gehouden met het feit dat de meeste verliezers jarenlang hun winsten zullen hebben meegepikt. Dat werpt, lijkt me, toch een ander licht op de zaak. Als het verlies "oneerlijk" is, zijn de winsten uit het verleden dat ook.

En een verliezer die nooit zijn winst nam, iemand die 10 jaar geleden een miljoen stortte en nu niets meer heeft? Hoe tellen we zijn verlies? Hij zag zijn vermogen 10 jaar lang op papier met 10% per jaar aanwassen, rente op rente. Wat zegt hij nu? Ik ben een miljoen kwijt, of ik ben 2,5 miljoen kwijt? Ik vermoed het laatste, maar wat mij betreft zou alleen de inleg mogen tellen.

Al met al een heel verschil met Sergej Mavrodi van MMM, die weliswaar in 1994 slechts (volgens de hoogste schatting) 1,5 miljard dollar kwijt maakte. Maar Mavrodi maakte dat geld dan ook goed kwijt. Hij werd daarbij geholpen door de hyperinflatie van het Rusland in die jaren. Het geld werd in korte tijd verzameld bij miljoenen mensen, die dachten dat hun overtollige roebels zo meer zouden opbrengen dan als ze ze voor dollars zouden wisselen. Winsten werden nauwelijks uitgekeerd - dat kon ook haast niet, want ze moesten de geldontwaarding overtreffen - en bij de eerste de beste belastingcontrole stortte het kaartenhuis ineen. Er werden meer dan 50 zelfmoorden gerapporteerd, maar uiteraard moet je alle nieuws uit Rusland met de nodige scepsis beschouwen.

zondag 14 december 2008

Allewiejo, allewajo

Chartreuse gaat boven kummel, in al de landen van de wereld, weten we sinds Lijmen. En Ben legde onlangs uit (in een commentaar op mijn stuk over Boris Ryzhy) dat het wereldwijd de gewoonte is meerdere zelfmoordpogingen te doen voordat er een lukt. In het algemeen moet je oppassen op grond van enkele waarnemingen een wereldwijde geldigheid van een bepaald verschijnsel te vermoeden. Ik wilde iets over theater en wereldwijde karaktertrekken van acteurs zeggen, maar aarzel nu. Ik weet alleen hoe het in Amsterdam is, en dan alleen nog in het stuk dat ik gisteravond zag, op uitnodiging van de Rabobank, die behalve onze bank ook sponsor is van de Stadsschouwburg.

Ik hoorde Paul Haenen zich ooit eens op de radio boosmaken over een recensent die de makers van een toneelstuk van vlerkerigheid betichtte. Het is een mooi woord, dat ook past bij de voorstelling Het temmen van de feeks door Toneelgroep Amsterdam. Veel ruwe seksgrappen, onfunctioneel bloot (of beter: bloot dat niet zo door Shakespeare was voorgesteld en dat het verhaal wel heel ongeloofwaardig maakt; het heeft wel degelijk een belangrijke functie, namelijk de aandacht van het publiek terugkrijgen op punten dat het zou kunnen beginnen te morren over het verhaal dat maar niet opschoot), stevig knijpen in blote borsten (helemaal echt), kotsen, neuken, scheten laten, plassen en heel veel dingen vies maken en stuk gooien. Vooral dat laatste kunnen mijn vrouw en ik slecht tegen. De stomerij- en reparatiekosten doen pijn, als ze zo makkelijk te voorkomen waren.

Maar het ergst was de zelfvoldaanheid waarmee ze hun grappen maakten. De perfect ingestudeerde liederen en yells. Iedereen in voetbalsupportersoutfit op het huwelijk, behalve Petruchio, die in keurig pak komt en daarom gekapitteld wordt om zijn respectloosheid. Omkering, woeha! Tevens lijkt de regisseur hiermee de meer geschoolde toeschouwers te willen laten zien dat hij over een goede cultuurhistorische bagage beschikt: carnaval, de wereld wordt even op zijn kop gezet. Meester wordt ook knecht, en knecht meester. Ja hoor, ík snap het, ík heb ook een alfa-vak gestudeerd. Ik kan het daarom wat beter "plaatsen" dan de melkboeren en aannemers van ons Rabobank-gezelschap. Maar verder dacht ik er hetzelfde over.

Of nee. Die melkboeren en aannemers waren veel positiever dan ik. Ja, wel wat veel bloot en wat ruwe taal, zeiden ze achteraf. Maar de teneur was: we gaan naar modern toneel, dit hoort erbij. "Wat een geweldige aanklacht tegen vrouwenmishandeling", zei een dame zelfs. Dat zo'n welwillend publiek voor de gek wordt gehouden door arrogante toneelkwasten, dat vind ik misschien nog het ergste.

vrijdag 12 december 2008

Bedumbedum

Jonge vriend F. forwardt me zonder commentaar een concertaankondiging van de Buzzcocks. Hij beweegt zich in popmuziekkringen, het fijne weet ik er niet van. Maar enkele jaren geleden stond ik bij hem thuis in een encyclopedisch werk over de punk te bladeren en merkte op dat de Buzzcocks naar mijn mening de beste band aller tijden waren, bar none. Zijn reactie was naar een aangrenzende kamer te lopen en vijfentwintig seconden later terug te komen met de mededeling dat hij het gehele oeuvre aan het downloaden was. Andere generatie!

Kijk, ik ga natuurlijk niet naar dat concert. Geen tijd, te veel lawaai en vooral: ik ga niet dansen en springen. Dat past niet bij me en dat heeft nooit bij me gepast. Ook in de punktijd, of eigenlijk daarna, toen ik de muziek van een aantal bands begon te waarderen, heb ik nooit meegedaan.

Maar dat is nou het leuke van de Buzzcocks (en in mindere mate van de Clash, de Jam en nog een paar andere bands waar de namen me niet meer van te binnen schieten): ze zijn er ook voor mensen die de punkbeweging, wat zeg ik, de hele popmuziek en alle subculturen die daarbij horen een beetje lachwekkend vinden. De jongens van de Buzzcocks maakten briljante liedjes en hun "idioom" was toevallig dat van de punk. Ze wáren geen punk. Ze waren bijvoorbeeld niet echt verschrikkelijk verveeld. Hou op. Dan hadden ze Boredom nooit geschreven.

donderdag 11 december 2008

Mooie meisjes (2)

Deze kende u misschien niet:

Zowel leuke als vervelende dingen behoren geïsoleerd in je agenda te staan, zodat je je er op kunt concentreren en als je bezig bent met 't ene geen zorgen hoeft te maken over het andere. Ik wil best naar de verjaardag van Scheepmaker, maar dan wil ik niet eerst naar Drakesteyn.
Hij komt uit een stuk dat Fascistoïde drek heet en dat Karel van het Reve in 1973 schreef voor Propria Cures. U zult het - hoop ik voor u - te zijner tijd lezen in het Verzameld Werk. En het is er weer een waarvan je denkt, ik tenminste: "O ja. Zo is het." Soms denk je van die wijze woorden van VhR dat je ze al eens zelf hebt bedacht, meen je zelfs wel eens iets van die strekking tegen je vrouw gezegd te hebben. Maar nooit zo duidelijk en met zo'n doodeenvoudige maar complete verklaring en een leuk voorbeeld als bonus.

En zo was het gisteravond. Ik was één keer eerder in mijn leven naar een boekpresentatie geweest. Maar door een ongelukkig toeval moest ik op 10 december 2008 naar twee. De eerste was van het Verzameld Werk van KvhR en dus mijn feestje, de tweede een feestje van mijn vrouw, maar wij steunen elkaar nu eenmaal door dik en dun.

Over de presentatie, gisteren, van het Verzameld Werk en over het Verzameld Werk zelf is al veel gezegd, en zal nog nog veel meer gezegd worden. Hoogtepunten waren voor mij natuurlijk het ontmoeten van Ben, Alice, Ileen en Koen en het herontmoeten van vele anderen. De sprekers waren zoals je ze op een Karel van het Reve-avond mag verwachten. Iedereen weet hoe de meester sprak, weet ook dat dat niveau voor geen sterveling te halen is, maar weet gelukkig ook wat je níet moet doen. Geen vaagheden, niet langer spreken dan nodig, en vertel alsjeblieft niet alleen dingen die iedereen al weet. Dus had Lieneke Frerichs de hand weten te slaan op een geluidsfragment waarin Pavel Litvinov vertelde waarom Karel in tegenstelling tot andere journalisten zo'n steun was voor de dissidentenbeweging ("hij was buitengewoon moedig") en zich exact Karels rol herinnerde in het publiceren van het beroemde memorandum van Andrej Sacharov. En Ton van Brussel vertelde het prachtige verhaal over hoe Karel wel voor Elseviers Magazine wilde schrijven, als hij tenminste meer zou verdienen dan W.F. Hermans. Of nee: als hij evenveel géld zou krijgen als Hermans, maar daarbovenop ook het uitgeknipte kruiswoordraadsel uit de International Herald Tribune. Een verbijsterend handig idee. Laat Hermans maar onderhandelen, en wie zou Karel niet hetzelfde honorarium gunnen - en wie zou hem niet het plezier willen doen het kruiswoordraadsel uit te knippen?

Maar evengoed was het al snel half zeven en moesten we verder. Verder naar het Foam, waar een boek werd gepresenteerd dat Beyond Photography (nog geen link) heet en waar een heel ander soort gezelschap bijeen was. Ik schatte al snel dat elke aanwezige fotograaf goed was voor anderhalf keer zoveel subsidies als het hele Verzameld Werk van Van het Reve had gekregen - en nu ik daar nog eens over nadenk, denk ik dat ik daar zeer conservatief in ben geweest. De sprekers waren lang van stof en onbegrijpelijk. Ik wachtte het moment af dat ik desnoods op de wc zou kunnen gaan lezen, genoeg boeken in mijn tas - niet alleen het VW delen I en II, maar Jaap Blansjaer had me ook nog een exemplaar van Karel van het Reves zeldzame Apologie gegeven, waarvoor ik hem hierbij nog eens wil bedanken.

Maar één ding was op de tweede boekpresentatie beter dan op de eerste, en dat was de mooiemeisjessituatie. Of eigenlijk: er was een meisje dat ik zo mooi vond, dat ik me afvroeg: "Wat doet CARICE VAN HOUTEN hier?" Ik kon alleen niet op die naam komen. Wat ik werkelijk dacht was: "Wat doet die actrice, hoe heet ze, van, kom, hoe heet die film... Minoes hier?" En meteen daarna: "Maar dat getapte fotografenvolk doet net of het heel gewoon is dat ze daar staat, laat ik dat ook maar doen."

Wie schetst mijn verbazing toen ik een poosje later, de bar was intussen geopend en het was mij gelukt wijn te scoren, mijn vrouw met Minoes zag staan praten. Ik er toch maar bij komen. "Je herkent haar zeker wel hè," zegt mijn vrouw hulpvaardig. Ik schud Minoes de hand, ik denk "Nee, toch niet," en zeg "Ja, sorry, ik dacht dat je die actrice van Minoes was, vandaar dat ik..." maar toen bedacht ik dat ik niets compromitterends had gedaan.

Goed, ik heb dus een uur met Carice van Houten gepraat, so the evening wasn't a complete waste? Nee, het was haar niet. Het was het in fotografiekringen bekende model Paula, maar ze lijkt niet op haar foto's - en dat komt niet alleen omdat ze op die foto's nogal vreemd uitgedost is. In het echt lijkt ze dus op Carice, en als u het mij vraagt is ze zelfs mooier. De enige foto die wat mij betreft recht doet aan haar schoonheid plaats ik bij dit stuk. Ze is daarop 20 jaar. Haar vader, fotograaf Hendrik Kerstens, was opgevallen dat meisjes van die leeftijd erbij gaan staan of ze zwanger zijn, ook al zijn ze het niet. Paula heeft er ook het buikje naar. Is dit nu wat ze noemen een pot belly?

vrijdag 5 december 2008

Mooie meisjes

- Maar wat zei die recensent eigenlijk?
- "De foto’s blijven steken in een alledaagse esthetiek die maar niet wil betoveren."
- O.
- Ja. Anders dan haar eerdere werk, met zijn uitgesproken uitsnedes. Die leverden "boeiende beelden" op.
- You can't please them all. Anderen vonden die uitsnedes juist wat koel, esoterisch. Ik voor mij vind het juist wel leuk dat je nu af en toe een lichaam bij een gezicht ziet, en omgekeerd.
- Maar de recensent niet. Foto's van mooie meisjes maken is triviaal, dat kan iedereen, zegt hij zo ongeveer.
- (a) Dat is niet waar, want krijg ze maar eens voor de camera, en (b) Carla máákt ze mooi.
- Ze haalt al het mooie naar voren. Dat wel. Maar het zijn zeker geen dogs hoor, in het echt. En de recensent zegt dus dat een foto van een mooi meisje nog geen mooie foto hoeft te zijn.
- Nee, natuurlijk niet. Maar wil je een mooi portret maken, dan leg je jezelf een geweldige handicap op door een lelijk model te kiezen.
- Ah! Maar Carla zegt vaak dat ze dingen die in het algemeen niet mooi worden gevonden, en die tegenwoordig routinematig weggeretoucheerd worden, juist wél mooi vindt, en juist naar voren wil halen.
- O, ik snap het. De recensent maakt daarvan dat Carla lelijk mooi vindt, en vindt dat ze zich aan haar eigen regel (of althans, aan zijn vereenvoudigde voorstelling van die regel) had moeten houden door lelijke modellen te kiezen?
- Die indruk krijg ik. Dat had boeiende beelden opgeleverd.
- En nu is Carla ongelukkig?
- Eh... Ja.
- En jij bent, om met Koot en Bie te spreken, een verdomd belangrijke steun voor haar in deze pokketijden?
- En de koters natuurlijk? Dat hoop ik maar.
- Hebben we nog een dichtregeltje om haar op te beuren?
- Ik dacht aan Chvalu i klevetu priemli ravnodušno / I ne osparivaj glupca.
- Poesjkin! Eenvoudig maar waar. Als ik een poging tot vertaling mag wagen: Blijf onder lof en laster onbewogen / En discussieer niet met een dwaas.
- Sorry, maar daar klopt niet veel van. 'Lof' en 'laster' zitten erin, maar dat kan iedereen. En het metrum, tja, dat klopt wel, maar de eerste regel heeft een voet te weinig. En dat 'discussieer' klinkt wel erg lam. Niet een woord dat Poesjkin ooit zou gebruiken.
- Weet je, op die kritiek ga ik niet in. Hij glijdt van me af als water van een gans.

woensdag 3 december 2008

Boris Ryzhy

Boris Ryzhy, een film van Aliona van der Horst. Losse gedachten.

*

Er kwam een echte, maar dan ook een échte, maffiajongen in aan het woord. Hij woont in een armzalig appartement, maar hij heeft een vrolijke, grappige, mollige vrouw en een vlakschermtelevisie. Waarom de maffiajongens Ryzhy accepteerden? Niet om zijn gedichten, die lieten ze koud. Maar hij kon er goed op slaan, daarmee dwong hij respect af. Hij hoorde er alleen niet helemaal bij, vanwege die gedichten natuurlijk, maar vooral omdat hij niet voluit voor de criminaliteit koos. (Ik heb de perestrojka wel eens de tijd waarin de professionals eindelijk hun kans grepen horen noemen.)

*

Aliona (wat dit stukje moeilijk maakt is dat ze een dierbare vriendin van mijn vrouw en mij is) lijkt niet echt haar best te doen de vraag op te lossen waarom Ryzhy zelfmoord pleegde. Ik heb zelfs het idee dat ze die niet echt wil oplossen. De kans is te groot dat er drank, of drugs, of een geestesziekte, of een combinatie daarvan, uit komen rollen. Dat is niet goed voor de film. Dan liever iets vaags en oncontroleerbaars als dat het schuldgevoel hem teveel werd. Oneerbiedig: ze werkt toe naar de conclusie die we kennen uit This is Spinal Tap, over het tuinierongeluk van een van de vroeggestorven drummers: "best leave it... unsolved."

*

Ja, zijn we toch films aan het citeren:

Hagen: The Roman Empire... when a plot against the Emperor failed, the plotters were always given a chance to let their families keep their fortunes.
Pentangeli: Yeah, but only the rich guys. The little guys got knocked off. If they got arrested and executed, all their estate went to the Emperor. If they just went home and killed themselves, up front, nothing happened.
Hagen: Yeah, that was a good break. A nice deal.
Pentangeli: They went home and sat in a hot bath and opened their veins, and bled to death. Sometimes they gave a little party before they did it.
Hagen: Don't worry about anything, Frankie Five-Angels.
Pentangeli: Thanks, Tom. Thanks.
Maar zoiets was het niet, alle connecties met de maffia ten spijt. De gangsters in Jekaterinenburg zijn ook te aards om zich, als hun Amerikaanse collega's, door de Godfather te laten inspireren.

*

Als er wél een maffiaconnectie met Ryzhy's zelfmoord was, was de kans klein dat de "jongens van de vlakte" dat aan Aliona, die ondanks haar fabelachtige Russisch toch vooral een fris meisje uit Amsterdam is, zouden hebben verteld.

*

Je kunt heel goed een fantastische dichter én een ongelooflijke klootzak zijn. Maar in de film lijkt niemand daar van te willen weten. Zijn weduwe komt er nog in de buurt, maar heeft het meer over de pieken en dalen in hun relatie. De meesten vinden hem een fantastische dichter. Zijn zoontje vindt hem alleen een ongelooflijke klootzak. Dat hij zijn vaders gedichten niet wil lezen is hem vergeven. Ik heb intussen op mijn gemak wel wat gedichten gelezen. Daar ben ik wel van onder de indruk. Maar allesoverheersend is toch de overtuiging dat hij op zijn zesentwintigste zijn vrouw en zijn zoontje van zes liet barsten. Dan ben je een ongelooflijke klootzak. Tenzij er dus iets ernstigs in het spel is, maar daar moet je dan wel proberen achter te komen.

*

We krijgen nooit genoeg van oude dametjes die uit een vitrinekast foto's van wijlen hun man tevoorschijn halen, in uniform. Een eeuw Rusland met al zijn verschrikkingen samengebald, zo voelt het. Dit dametje kwam uit "het Verre Oosten", niet helemaal correct maar om begrijpelijke redenen ondertiteld als "Oost-Siberië". Bedoeld wordt het gebied ten Noord-Oosten van China, de laatste stations van de Trans-Siberië Expres. Je kunt strikt genomen nog verder en oostelijker dan het Russische Verre Oosten: Kolyma (van de verschrikkelijkste kampen), Kamtsjatka (Risk, geysers) en Tsjoekotka (van waaruit je Alaska kunt zien), maar het Verre Oosten is al heel afgelegen. Ben je daar uitgediend, ga je naar de Oeral. Ze zullen weinig te kiezen hebben gehad in hun leven.

zaterdag 29 november 2008

Agyness Deyn en de postcodeloterij

- Agienes?
- Agyness. Zo schrijf je het. Ik weet niet hoe je het uitspreekt.
- Agyness Dien?
- Deyn. Was Dean, maar dat was niet goed genoeg.
- Dus maakte ze van de a en y. Ok. Ja.
- Ja.
- Die voorkeur voor de y verklaart dan ook die ongebruikelijke voornaam? Dat was... Agnes?
- Ja. Dat was Laura.
- Laura was niet goed?
- Ik vind Laura een prachtige naam. Altijd gevonden. Het had weinig gescheeld of we hadden onze oudste dochter zo genoemd. Maar de vraag is: kun je er een succesvol model mee worden?
- Eh... Laura Esposto?
- Nee dus, en zéker niet in combinatie met de achternaam.
- Dean of Deyn?
- Hollins.
- Ah, ik heb 'm door geloof ik. Ze gaat naar een modellenbureau, en daar zeggen ze "Prima, maar Laura Hollins werkt niet. Wat dacht je van... Agnes Dean?" En toen zij weer: "Goed, maar laten we dat een beetje opvallend spellen" En zo werd het Agyness Deyn.
- Jij denkt dat het bij modellenbureaus net zo gaat als vroeger met filmsterren?
- Ja. Mamie Van Doren heb ik altijd een mooie gevonden. "Joan Olander", dat was niks. Mamie...
- Mamie. Geen gangbare naam. Ik ken één andere Mamie, dat was first lady Mamie Eisenhower.
- Mamie was naar Mamie Eisenhower, en Van Doren...
- Naar Charles Van Doren! Quiz Show! Geweldige film!
- ... Van Doren was een goede intellectuele naam voor een blondine die het antwoord op Marilyn Monroe moest zijn.
- Maar zo gaat het bij modellenbureaus dus niet. Of misschien ook wel, maar deze keer niet. Laura Hollins mocht gewoon Laura Hollins blijven.
- Dus ze veranderde haar naam op eigen initiatief?
- Ja, het ging haar niet snel genoeg.
- Voor de draad ermee maar: hoe komen al die y's erin?
- Laura ging niet over één nacht ijs. Ze huurde een numeroloog in.
- Ah, dat alle letters van je naam een waarde krijgen en dat je dan met veel rekenkundige bewerkingen het getal van het beest krijgt etc.?
- Of zoals in Oorlog en Vrede, dat Pierre Bezoechov, die zichzelf als het beest ziet, denkt dat zijn naam verkeerd gespeld wordt. Als hij hem als l'Russe Bezouhoff spelt, komt het precies goed uit.
- Dus dat was de techniek van Laura's adviseur - de naam herspellen om hem bij een positief nummer te laten passen?
- Exact.
- En hoe komt hij aan die nummers?
- Elke letter krijgt een getal tussen de 1 en de 9 toegekend, volgens een drieduizend jaar oude Chinese techniek.
- Een drieduizend jaar oude Chinese techniek?
- Je weet wel, de Chinezen, uitvinders van het alfabet. Vanuit China via de zijderoute naar de Phoeniciërs, en van hun naar de Grieken, de Romeinen en de rest is geschiedenis.
- Jaja. En waarom schrijven ze dan zelf met duizenden verschillende karakters?
- Ze kregen er spijt van. Bleek toch niet te werken voor het Chinees.
- Verdomd. Dat is waar.
- Al die homoniemen. Dat krijg je als een taal is gebaseerd op lettergrepen die allemaal een zelfstandige betekenis hebben, terwijl hij tegelijkertijd beperkt is in het aantal klanken dat mag.
- "Schrijf het op!" Zegt de ene Chinees tegen de andere als hij iets niet begrijpt. Ga je het dan fonetisch spellen, dan weet die ander het nog niet.
- Dit is toch onzin he?
- Het enige dat in het bovenstaande gelogen is, is dat de Chinezen een westers alfabet hadden en het naar het Westen exporteerden.
- Zie je wel. Hoe kan je dan een Chinese techniek gebruiken voor manipulaties met het Westerse alfabet?
- Beats me. Nu even geen moeilijke vragen meer stellen, OK?
- Je wilt door met je betoog.
- Och.
- Hoe heet die numeroloog?
- Laurence Y Payg.
- Briljant! Toevallig ook twee y's. Of is dat niet zijn geboortenaam?
- Hij zegt trots dat hij zijn naam al drie keer veranderd heeft.
- Hm. Maar Agyness Deyn was in einem Zug goed?
- Ja. Plotseling stroomden de opdrachten binnen. Terwijl, daar wijst Payg nadrukkelijk op, Agyness verder in niets veranderd was. Zelfde modellenbureau, zelfde look.
- Dat is zo irritant aan die sterrenwichelaars. Moeten niets van de gevestigde wetenschap hebben, maar als het ze zo uitkomt gebruiken ze opeens zo'n concept als gelijkblijvende randvariabelen. Waar hij trouwens niets van af weet. Hoe weet hij nu hoe de beslissing om Agyness in te huren tot stand is gekomen?
- Maar áls het zo is dat ze als Laura geen opdrachten kreeg, en als Agyness wel, dan kun je het onmogelijk een slechte stap noemen.
- O. Vind jij het meedoen aan de postcodeloterij goed?
- Nee natuurlijk. Nou ja, als je wint...
- Aha. Dan is het opeens wel goed?
- Dan heb je er in ieder geval juist aan gedaan.
- Jij ook al. Dit is blijkbaar zo moeilijk. Iedereen weet dat een goed antwoord na een foute redenering een fout antwoord is. Zo is een gunstige uitkomst van een foute beslissing... prettig natuurlijk, maar het maakt je beslissing niet minder fout.
- Leg dat maar eens uit aan een postcodeloterijwinnaar.
- Hij ziet me aankomen. Hoe zit het met andere patiënten van die Payg?
- Nou, moeder Lorraine en zus Emily van Agyness hebben hun achternaam ook laten veranderen. En moeder heet nu Lorrayne, dat ze ook aan die twee gelukkige y's komt.
- Met meetbaar effect?
- Ze hebben er een zekere bekendheid mee verworven.
- Fantastisch. Bekend als de mallotige moeder en zus van de mallotige maar succesvolle Agyness Deyn.

donderdag 27 november 2008

Rambunctious

Heb je een hypo-allergene hond, word je nog geschoffeerd door de President-Elect. Het overkwam de ABC-coryfee Barbara Walters. Dit fragment uit het interview dat ze vandaag met Obama had is zo heet van de naald dat er nog geen beeld bij is (update: check hier!)

Obama: "Cha Cha?"
Barbara: "It's short for Cha Cha Cha."
Obama: "What is a Havanese?"
Barbara: "It's like a little terrier and they're non-allergenic and they're the sweetest dogs.."
Obama: [Face suddenly changes.] "It's like a little yappy dog?"
Michelle: "Don't criticize."
Obama: "It, like, sits in your lap and things?"
Michelle: "It's a cute dog."
Obama: "It sounds kinda like a girly dog."
Michelle: "We're girls. We have a houseful of girls."
Obama [with hand gestures]: "We're going to have a big rambunctious dog, of some sort."
Obama blijft maar geweldig - mannen vinden dat omdat hij een mannelijke smaak heeft, vrouwen weten dat hij een serieuze kerel is die dit soort dingen alleen maar zegt om niet altijd te zwaar op de hand te zijn.

Maar over Michelle blijf ik me zorgen maken. "We're girls." Je bent een lawyer! Je mag kiezen tussen een Golden Retriever en een Labrador. Die zelfopgelegde moederrol gaat haar vroeg of laat opbreken, wat ik u brom.

zondag 23 november 2008

Ё-моё!

Karel van het Reve's aardappeltheorie houdt in: een product, genre of verschijnsel kan, verplaatst naar een andere regio en daardoor ontdaan van allerlei "remmen", tot grote bloei komen. De Amerikaanse Indianen aten aardappels, maar niet als staple food, want ze hadden genoeg mais en bizons. In Europa daarentegen voldeed die aardappel aan een massale behoefte en konden ze binnen tien jaar niet meer zonder. Zo verklaart VhR ook de bloeiperiode van de Russische roman. Dat genre werd in de negentiende eeuw vanuit Frankrijk geïmporteerd en kon op Russische bodem meteen veel beter worden dan het in Frankrijk ooit geworden was, omdat het zich niet allerlei conventies en verwachtingen hoefde te houden. Russische schrijvers hoefden alleen maar heel erg hun best te doen.

Voor de Russische reclame geldt de aardappeltheorie ook, denk ik. Je hebt in Rusland fabelachtige acteurs, en die mogen in reclames helemaal "los" gaan. En de scripts kunnen niet eenvoudig genoeg zijn. Klik hier voor een willekeurig voorbeeld. Kennis van Russisch overbodig. Moet ik nog een seksisme-alert geven? Nee, u koesterde denk ik geen illusies. Krankzinnige boodschap: wil je met vrouwen communiceren, eet dan Nestlé for men, tederheid in een harde verpakking.

Over de MMM-reclames, 1994. Hier zijn ze op een rijtje. Kennis van het Russisch is nuttig, ik moet eerlijk zeggen dat ik ze na verschillende keren kijken nog lang niet allemaal van begin tot eind versta. Maar het zit ongeveer zo. Hoofdpersoon is Ljonja Goloebkov. In het eerste filmpje merkt hij dat hij na twee weken genoeg op zijn belegging verdiend heeft om laarzen voor zijn vrouw te kopen. Eto prosto, dat is simpel! Let ook op de blik van de uitbetaalster. Tweede filmpje: nu gaan we een bontjas kopen. Derde: Ljonja legt uit dat er een stijgende lijn in zit: laarzen-bontjas-meubels-auto-huis. "In Parijs?" vraagt Rita. Commentaar: "En waarom niet, Ljonja?"

Filmpje vier is misschien het hoogtepunt, waarin het karakter Ljonja Goloebkov definitief neer wordt gezet. In een gesprek aan de keukentafel legt hij zijn broer Ivan uit dat hij géén chaljavstsjik is, níet iemand die het allemaal voor niets hoopt te krijgen (is daar een goed Nederlands woord voor?). Partner is hij, van de firma MMM!

De broers gaan vervolgens naar het WK voetbal in Amerika, waar ze natuurlijk veel indrukken opdoen (vpetsjatlenij mnogo - het bier is hier geweldig maar onze wodka is beter) en even blijven hangen. In Rusland komt intussen de Mexicaanse actrice Victoria Ruffo bij Rita op bezoek. Victoria is bekend van de op dat moment in Rusland wild populaire soap Simplemente María, oftewel Prosto Maria. Net zo prosto, simpel, als het beleggen bij MMM.

Ljonja, thuisgekomen, legt Rita en Prosto Maria uit dat je met het bij MMM verdiende geld ook een graafmachine kunt kopen, zoals ze in Amerika zouden doen. Maria vindt hem een goeie jongen, zegt de commentaarstem. Daarna mag broer Ivan nog met Maria dansen (ik ben prosto Ivan, jij bent prosto Maria), er komt familiebezoek (inzameling gehouden op het dorp) en ze worden het eens over waar je MMM mee kunt vergelijken: met een zwembad, wie geld heeft stopt het erin, wie het nodig heeft haalt het eruit. En waarom zo blij? Och, twee miljoen ingelegd, zes miljoen eruitgehaald. Over de verrassende ontknoping later, als ik meer over MMM heb verteld.

Toch een kleine kanttekening bij die reclame. Helemáál ongeremd is hij ook niet meer. Dat komt omdat er in Rusland, met name voor de mannen, een kloof heerst tussen de gesproken taal en de taal die op de televisie mag. Maar er is wel een mooie poging in die richting: de vreugdekreet van Ljonja als hij in het eerste filmpje zijn geld in ontvangst neemt. Ё-моё!, spreek uit Jo-majo! Alle uitdrukkingen die met de letter ё beginnen behoren tot de moedervloeken, of zijn daar grappige varianten op. Deze tamelijk onschuldige ging de Russische vrouwen toch te ver, dus kuiste Ljonja in het vervolg zijn taal.

zaterdag 22 november 2008

Kunst, mooie vrouwen en... respect!

Vandaag voor het eerst in jaren weer naar de PAN geweest. Mijn vrouw gaat elk jaar, soms twee of drie keer, omdat ze veel van kunst weet, een goede smaak heeft en zich grondig wil informeren. Ik kon nooit goed tegen de sfeer en paste met plezier op de kinderen. Maar opeens had ik weer zin om mee te gaan en er was een oppas te vinden. Het viel niet tegen. Wat mij op is gevallen:

(1) Een gemêleerder publiek - terwijl het de openingsdag was, alleen voor genodigden. 60+'ers uit het Gooi waren er natuurlijk volop, maar ze domineerden niet. Opvallend veel gewone mensen, opvallend veel jonge mensen. Ik voelde me niet sjofel in mijn overhemd + jasje (maar geen stropdas) op nette spijkerbroek. (Zonet pas merkten we dat we dat er wel degelijk een gestreken nette broek in de kast lag, maar het gaf dus echt niet.)

(1b) Aantrekkelijke jonge vrouwen, op de stands en in het publiek. Het verschil tussen een aantrekkelijke jonge vrouw en een mooi schilderij is dat dat schilderij (tot op zekere hoogte natuurlijk) nog een haalbare optie is voor een "vieze oude man van boven de dertig". Maar dat neemt niet weg dat het erg plezierig is als je op zo'n beurs behalve mooie schilderijen ook aantrekkelijke jonge vrouwen ziet. Je bent je zaterdagmiddag niet op de verkeerde plaats aan het doorbrengen.

(2) Waar blijven ze die oude meesters toch vandaan halen? Ik was verbaasd over het aantal grote namen dat ik zag - Albert Cuyp, Jan Steen, Wouwerman, Aart van der Neer. Wel is het zo (gratis tip!) dat onder de "minor masters" veel moois te vinden is voor een fractie van de prijs. Soms zijn die stukken zelfs gewoon mooier. En in de toekomst zouden ze ook wel eens duurder kunnen worden, er zijn in de kunstgeschiedenis wel meer herwaarderingen geweest. Ga op uw smaak af, niet op de naam.

(3) We werden volstrekt serieus genomen. Mijn vrouw hoefde een stand met sieraden maar een kik te geven of ze kreeg een collier van amethisten omgehangen. Het stond haar prachtig, dat wel, maar we zouden geen moment overwegen het te kopen ("17.000, mevrouw"). Van een stilleven dat ik werkelijk mooi vond, zei de verkoper ongevraagd dat er wel iets van de vraagprijs (125.000) af zou kunnen. Misschien is het gewoon de crisis, zijn ze bang dat ze ermee blijven zitten en verbreden ze hun blik.

woensdag 19 november 2008

Nog even geduld

Goed, ik heb wat dingen in mijn hoofd. Twee ideeën van Ben, en een van mezelf. Allemaal vergen ze onderzoek en nadenken. Zegt u het maar. Die enquête is ervoor! >>>>>>

(Andere onderwerpen die er vroeg of laat aankomen, maar net als die van de enquête tijd vergen: hoe het nu staat met "making things no better than they need to be"; MMM; afkeer, maar dan ook échte afkeer van verandering; en vooral: wat voor een Karel van het Reve-liefhebber wel en niet kan. Of beter: welk gedrag is kenmerkend voor de doorsnee KvhR-liefhebber? Niets is uitgesloten, maar hoe waarschijnlijk is het dat iemand die in een cowboypak aan de gaypuree meedoet, de meester echt begrijpt?)

dinsdag 18 november 2008

All guys named Rodriguez

Jaaah, ga gewoon even naar 60 Minutes met Barack Obama kijken! (Hier lezen kan ook.) Ik heb het net gedaan terwijl ik ondanks mijn reserves van gisteren nog een vaag idee voor een blogje had, dat nu een beetje in het water valt. Country first. Vragen voor wie actief wil kijken:

* Welke presidenten noemt hij, en hoe vaak? Kunt u zeggen waarom?
* Wat behelst zijn plan voor het college football?
* Is Michelle echt blij? Zonee, gaat het goed komen, en hoe?
* Is hij slim of wat? Noteer de verstandige uitspraken.

Omdat ik voor het eerst in 26 jaar 60 Minutes keek, was het interessant te zien wat er nieuw was, en wat onveranderd was. Nieuw: de Viagra-advertenties (die hebben we in Nederland toch niet? OF WEL?? Heilige koe, wat zouden die acteurs verdienen?).

Onveranderd: Andy Rooney. Toen ik hem in 1982 zag, leek hij al deel van het meubilair, maar toen was hij er nog maar vier jaar. Nu dertig. Hij was een tijdje een running gag in de Doonesbury-strips: een tekstballonnetje dat uit de televisie komt waar dingen in staan als "Don't you just hate paperclips? I know I do."

maandag 17 november 2008

Boodschap

Als het vorige blogje iets bewezen heeft, is het wel dat ik als het echt moet op routine kan schrijven. Maar, beste lezers die zo enthousiast reageerden: ik was zelf helemaal niet tevreden over het stukje, had zelfs gedroomd dat ik er vrienden of in ieder geval goodwill door zou verliezen. Jawel. Goed, de terzijdes waren leuk misschien. Maar als geheel vond ik het niet deugen, en ik ben ondanks jullie opbeurende commentaren niet van gedachten veranderd.

Ik denk dat al mijn stukjes toch ergens een 'boodschap' moeten hebben, al mag die dan nog zo kunstig verpakt zijn. Zo'n boodschap zat duidelijk wél in het stukje dat eraan vooraf ging, dat ik daarom zelf ook beter vind. In het vorige stukje daarentegen ontbrak die boodschap nu eens helemaal. Ja, dat ik een en ander aan te merken heb op het zwembad waar ik (behoudens de schoolvakanties en periodes van groot onderhoud) nu al vijf jaar wekelijks kom. Maar dat maakt het vooral een stukje ten koste van anderen. En om het nog pijnlijker te maken, maakte ik gebruik van overdrijving en selectieve weergave van de feiten. Zo erg is het daar ook weer niet. En zo erg is het niet met mij, dat ik zulke middelen nodig heb.

Het wordt, kortom, weer tijd voor een echt stuk of twee. Daarvoor heb ik wat meer tijd nodig. Hoe groot de verleiding ook is om door te gaan met mij one post a day, bloggen is voor mij nog altijd geen way of life. Ik denk dus dat ik weer overga op een weekendregime, met hopelijk nog een post op woensdagen of zo.

Trouwe lezers: hier langskomen zal weer ouderwets vermoeiend en frustrerend worden. Maar... tegenwoordig is er de mogelijkheid Blogger-blogs als dit te volgen. Probeer het eens, rechts, onder de favoriete blogs. Wat de volger precies krijgt weet ik niet, maar ik denk toch dat het leven hem op de een of andere manier iets makkelijker gemaakt zal worden.

zondag 16 november 2008

Rusland in Amsterdam

Mijn dochter van negen, die de diploma's A, B en C al in haar bezit heeft, zit weer met iets anders. Zij zit nu op 'zwemvaardigheid', waar ze dingen leren die u en ik ook wel hadden willen leren toen we klein waren (echt borstcrawlen, vlinderslag, startduiken, keerpunten). Of tenminste, dat is de bedoeling, want in het Sportfondsenbad Oost lijkt een richtingenstrijd te zijn losgebarsten tussen twee zwemdocenten.

Dochter van negen pikt niet snel sporttechnieken op. Daarom is zwemmen ideaal voor haar - het gaat lekker langzaam, en zodra je kunt blijven drijven kun je alles rustig uitproberen, zonder dat je een gevaar voor jezelf en anderen bent, en al helemaal zonder dat je een partner of zelfs een heel team ophoudt. (Nooit, nooit de terreur van een hockey-elftal voor haar.) Maar nu blijkt het nog veel langzamer te gaan, want haar docenten, die elkaar zonder merkbaar patroon afwisselen, schotelen haar zeer verschillende programma's voor. Daarbij zegt de ene nog dat ze de schoolslag met hoofd onder water moet zwemmen, en de ander dat het met hoofd boven water moet.

En dan was het Sportfondsenbad Oost, waar dit alles plaatsvindt, toch al het meest Russische zwembad van Amsterdam: rijen van een kwartier voor de kassa, ondoorgrondelijke, door iedereen ontdoken regels, droge en natte zone als in een soort Möbiusring met elkaar verbonden, dus kleedkamers vies én nat, regelmatig een minstens vier maanden durende kapital'nyj remont, na de laatste waarvan het water in de kleedkamers niet meer naar de putjes afliep en de afvoercapaciteit van de douches zo was afgenomen dat kinderen in vijf centimeter water staan te douchen (dan helpen je anti-voetschimmelslippers niet meer). En dan noem ik nog een zeer Russische kwestie niet, omdat die hopelijk sinds die laatste periode van sluiting tot het verleden behoort. En ik wil niet dat u een verkeerde indruk van de mensen daar krijgt, want die zijn wél heel erg aardig.

zaterdag 15 november 2008

Proef-proef-proefzwemmen

Het is een publiek geheim dat wie zijn proefzwemmen haalt, ook zijn diploma haalt. Dat is een plezierige wetenschap voor de ouders, maar het gevolg is wel dat het proefzwemmen veel aan betekenis heeft gewonnen, wat soms tot pijnlijke situaties leidt. Je wilt toch het beste voor je kind. Daar is het volgende op gevonden: een week voor het proefzwemmen moet een groep kinderen waar men het wel in ziet het hele diplomaprogramma afwerken. Proef-proefzwemmen. Maar daarmee is het repertoire aan stressverminderende maatregelen nog niet uitgeput! Om zeker te weten dat alleen echte kanshebbertjes proef-proefzwemmen, dienen alle kinderen elke eerste zwemlesdag van de maand in volledig diplomatenue verschijnen.

What's next, denkt u? Niets, want je kunt niet eindeloos doorgaan, zo blijkt. Die eerste les van de maand wordt door de meeste ouders vergeten, dus daar bloedt dit prachtsysteem dood. Alleen: de ouders van kinderen die de Montessorischolen van onze hoofdstad bezoeken, vergeten het minder vaak dan de ouders van kinderen op oekumenische basisscholen zonder wachtlijst. Zo wordt ook op zwemgebied de scheiding tussen "ons soort mensen" en "niet ons soort mensen" in stand gehouden. Kinderen van de laatste halen gemiddeld een half jaar later hun diploma, schat ik.

vrijdag 14 november 2008

Het goede leven

Krijg ik al genoeg van de NaBloPoMo? Niet echt, maar het is niet makkelijk. Vandaag een drukke dag op kantoor - gelukkig misschien in tijden van crisis, maar als je 's avonds een blogstukje wil schrijven dat een beetje stáát, moet je daar 's ochtends vroeg, onder de douche, al aan beginnen en de rest van de dag scenario's bedenken en verwerpen. Wat het dan uiteindelijk wordt, hoeft nog helemaal niet duidelijk te zijn, maar het materiaal is er. Nu is dat er niet; eigenlijk zou ik de avond moeten besteden aan lezen en denken, zodat ik morgenochtend weer een begin van een idee zou hebben.

Herplaatsinkje? Herplaatsinkje, want u komt hier niet voor navelstaarderij. Komt-ie.

Een boek van David Cecil over Jane Austen dat ik ooit tweedehands kocht, begon met een beschrijving van de huizen en de huisraad waar de gentry in Austen's tijd van kon genieten. Laten we een passage die me bijgebleven is eens terugzoeken, er kwam servies in voor. Het boek heet A portrait of Jane Austen, ik heb het pas in de ramsj gezien bij Scheltema (sukkels met die nieuwe naam), maar natuurlijk wel in een verkeerde uitgave: je eigen uitgave is altijd de goede. Het servies is zeker Wedgwood? Jawel:

The same is true of their furnishings. A Chippendale chair is as comfortable to sit on, a Sheraton writing desk as convenient to write at, as are their modern counterparts. But, unlike these, they are also charming works of art, their fine simplicity of line enriched by an occasional touch of decorative carving or by a surface of subtly varied veneers. So is also the teacup of the time - grey-blue Wedgwood or rose and gold Worcester - both pretty to look at and easy to drink out of. Like the houses and the chairs, it does equal justice to the claims of the useful and the agreeable.
De boodschap is duidelijk: er kan maar één tijd de prettigste zijn. Onze tijd komt in aanmerking - nooit kon je zo gezond oud worden, nooit kon je met zoveel gemak zoveel interessante dingen te weten komen -, maar wordt verpest door lelijkheid en veel te veel mensen, die er bovendien behagen in scheppen andere mensen allerlei onnozelheid op te dringen. In kunst en beschaving legt onze tijd het af tegen de laatste decennia van de 18e en de eerste van de 19e eeuw, al was het leven voor de boeren hard als altijd, betekende een operatie een wisse dood en werd er aan de lopende band oorlog gevoerd.

Maar dat servies, dat is toch wel even een punt. Die kopjes, dat je daar echt zo makkelijk uit drinkt, dat vraagt eigenlijk om een weerlegging. Of in ieder geval om voorbeelden van koppen die nog makkelijker drinken. De kop waar ik nu uit drink bijvoorbeeld. Mijn vrouw heeft er tien of twaalf bij Albert Heijn gekocht, bij een van die acties, want ze houdt niet van half werk. HIP Amsterdam staat er onderop. Bone china. En dan ook nog: microwave and dishwasher safe. Hij drinkt geweldig. Als je thee koud wordt, zet je 'm 20 seconden in de magnetron. Ik vind dat een voordeel. En Wedgwood-koppen? Tegenwoordig ben je als de dood dat je ze laat vallen. In 1800 volgens mij ook al.

donderdag 13 november 2008

Nieuwe bloeddorstige dino ontdekt

Zojuist had ik het genoegen te zien dat B., bij u misschien bekend als blogster maar voor mij een gewaardeerde collega (maar natuurlijk óók een blogster), geïnspireerd was door een gesprek dat we vanmiddag hadden. Dat gesprek ging over een vertaling over haarverzorgingsproducten waar V. mee bezig was, en waar "sterk haar" in voor leek te komen. B. merkte op dat dat vreemde begrip haar aan LenaLena deed denken. Wij wisten niet wie dat was. Wie dat ook niet weet, maar wel benieuwd is, checke dus hier.

V. vertelde nog dat ze geabonneerd is op de Franse Cosmopolitan, en dat ze elke maand trappelt van vreugde als ze hem in de bus heeft gekregen. "Ben jij een Cosmo girl, V.?" "Ja, hoezo?" "Ja maar..." "Jullie kennen de Nederlandse Cosmo natuurlijk. Of de Amerikaanse. De Fransen kunnen schrijven, en ze weten wat ironie is. Daarom is de Franse Cosmo echt leesbaar."

Ik herkende V.'s enthousiasme voor een tijdschrift. Ik heb dat jarenlang gehad met de Kijk. Mijn dochter van negen heeft het nu met de Kidsweek: op donderdagmiddag thuiskomen, er wel zo'n beetje op rekenen dat hij er zal zijn, ja, je er zelfs op verheugen. Maar dan toch weer ongelooflijk blij verrast en gelukkig zijn als hij er echt ligt, en heerlijk gaan lezen.

woensdag 12 november 2008

We doen wat we kunnen

- Lekker veel mail krijg jij! Interessante aanbiedingen zitten er ook tussen!
- Mag ik even rustig mijn spam weggooien?
- Wachtwachtwacht! Zou je dat nou wel doen? Ik zie daar een schrijven van [Serenity Fountain], getiteld Postponing doing good deeds. Daar ben ik ook op tegen, denk ik. Van uitstel komt afstel.
- Sinds wanneer hou jij je met de Islam bezig? Daar heb ik je nou echt nog helemaal nooit over gehoord. Ik heb eigenlijk geen idee waar je staat, in het Islamdebat.
- Dat debat interesseert me niet bijster. Maar die mailtjes met dat merkwaardige taalgebruik, die vind ik dan wel weer onderhoudend. En dat gratis elke dag in je mailbox, zonder dat je er om hoeft te vragen. Even openen!
- Nou ja, zolang het geen Trojaans Paard binnenhaalt...
- Zoiets heet een Paard van Troje.
- Dankje. Goed, samen lezen.
- Ja.
- Jaah.
- Jaja.
- Tsss. Citeren?
- Het laatste stukje dan, de clincher. Komt-ie, blockquote!

Imam ar-Rabbani, may Allahu ta'ala be well pleased with him, after a short period of entering the toilet, knocked the door of the toilet to call the servant. The servant ran by thinking that he probably forgot to prepare the water and a piece of rag for cleaning (Taharat). Imam ar-Rabbani opened the door a little bit and handed his dress to the servant and told him, "Deliver this dress to such and such a person as a gift." The servant bewilderingly asked, "Oh my master! Wouldn't it be better if you would order this thing after you get out of the toilet? Why did you put yourself into this much trouble?" The "Imam" replied. "Giving my dress to that poor person as a gift crossed my mind in the toilet. I was afraid that if I would make 'Taswif' until I get out of the toilet, the devil would probably give me evil suggestion 'Waswasa' so that I would give up doing that good deed."
- En blockquote sluiten. Dit roept nogal wat vragen op.
- Vragen die we hier maar niet allemaal zullen proberen te beantwoorden.
- Meer in het algemeen: wat gebeurt er nu precies als je goede daden uitstelt ('Taswif')?
- "One who does 'Taswif' will perish."
- Hoe erg is dat? Ik bedoel, ik neem aan dat er voor zo'n slappe klojo niet meteen 70 maagden klaarliggen, maar sterven doen we allemaal. Hebben ze in de Islam iets als een hel?
- Jazeker, en je kunt je die niet grimmig genoeg voorstellen. Of, zoals Stalin het zou uitdrukken: het is geen vakantiekolonie.
- Stalin vertelde graag het verhaal over een medestudent aan het seminarie, die zijn geloof in God verloor omdat hij meende dat er te weinig hout was om de hel op temperatuur te houden.
- Dit terzijde neem ik aan.
- Ja. Waar het om ging. Iedereen denkt toch wel eens: "Wat erg. Daar zou ik toch eens wat aan moeten doen." Om daarna weer tot de orde van de dag over te gaan. Een islamiet heeft dan meteen een enorm probleem.
- En uit het feit dat de meeste islamieten ogenschijnlijk heel normaal functioneren, kun je dan maar twee conclusies trekken: ze overtreden regelmatig het verbod op 'Taswif' en zijn blijkbaar niet bang voor hel en verdoemenis. Of ze hebben geleerd hun wensen om goede daden te verrichten te onderdrukken voordat ze goed en wel opkomen, wat ze naar mijn idee tot minder voortreffelijke mensen zou maken.
- Niemand is perfect.

dinsdag 11 november 2008

Hier woont meester Kikkerbil

Ik overwoog vandaag het Sint Maarten-stuk dat ik vorig jaar schreef te herplaatsen. Waarom? Daar had ik nogal wat goede redenen voor!

(1) Het is Sint-Maarten vandaag.

(2) Een jaar geleden had dit blog twee vaste lezers: mijn steun en toeverlaat op bloggebied, Ben Hoogeboom dus, en ikzelf. Intussen zijn dat er meer dan honderd, dat is toch wel even wat anders. (Ik ben wat verbluft door deze statistiek, maar er is geen speld tussen te krijgen.) En de nieuwere onder hen zouden best geïnteresseerd kunnen zijn in een goed ouder stukje, maar ik kan moeilijk verwachten dat ze een jaar terug gaan lezen om er een te vinden.

(3) Het ís ook een goed stukje. Zeker niet mijn beste, maar ook zeker niet mijn slechtste. Dat ik een (niet bijster origineel, dat geef ik toe) ideetje waar ik al een poos mee speelde, namelijk dat veel mensen niet begrijpen dat rechten alleen maar kunnen bestaan bij de gratie van plichten van anderen, en dat je er eigenlijk trots op zou moeten zijn als bij jou de balans doorslaat in de richting van de plichten, want dat betekent dat je een gezonde Hollandse jongen of meid bent - dat ik dat ideetje in een stuk over Sint-Maarten zou verwerken, had ik zelf ook niet gedacht, maar het paste ineens.

(4) Een van de dingen die uit de statistieken blijkt, is dat de stukjes waar ik zelf het tevredenst over ben niet de meest gelezen zijn. Raad eens wat mijn aller-, allermeest gelezen stuk is, elke dag weer, al meer dan twee jaar lang? Check it out. Het wordt gelezen door mensen die meer willen weten over de SFVI, en na lezing van mijn stuk ook meteen weer weg zijn - hopelijk een beetje wijzer. Maar mag ik dan mijn welwillende lezers een beetje sturen? Ik dacht het wel, en laat ik dan maar meteen dit stuk over Wereld 3 van Karl Popper aanbevelen.

(5) Het is voor mij in november National Blog Posting Month. Ik moet elke dag een stukje schrijven. Maar... cheaten mag! Al zet je je boodschappenlijstje erop, zeggen ze. Dan is herplaatsen een beter idee, vind ik.

Maar... herplaatsen was bij nader inzien toch een slecht idee, want het goede nieuws van vandaag was dat Sint-Maarten in ieder geval hier in het Amsterdamse Oostelijk Havengebied leuker en vrolijker was dan vorig jaar. Slechts één klein groepje vervelende gasten die (dat is dat toch wel weer leuk) met zaklantaarns waren gewapend om toch nog in de sfeer te blijven.

maandag 10 november 2008

Welgemeend advies aan asura's: niet doen!

Mijn oude plan een serie over vreemde wapens te schrijven werd vandaag nieuw leven ingeblazen doordat ik me bij het vertalen afvroeg wat een throwing ring zou zijn. De eerste hit leverde geen antwoord (de ring in kwestie moest in een papiermachine passen), maar wel een eenvoudige maar daarom niet minder informatieve website uit de tijd dat original research nog mocht. Vanavond weer kijken, nam ik me voor.

De werpring is een chakram, en komt uit het oude India. Hij lijkt de nadelen van andere werpwapens (geringe trefzekerheid, grote kans dat je 'm kwijt bent) te combineren met het nadeel van onhanteerbaarheid: hoe hou je 'm vast? Zowel bij het "frisbeeën" als bij het om de vinger "hoelahoepen" is de kans op zelfverwonding aanzienlijk. De Weapon Masters nuanceren dat beeld. Het valt allemaal te leren, en dan kun je, als je er genoeg bij je hebt, je tegenstander in het defensief dwingen. Bewijs: de Sikhs, grootverbruikers van de chakram, hebben ze er nooit onder gekregen.

Maar dat is het dan ook wel, wat de chakram betreft. Het effectieve bereik is een meter of vijftien, door zijn precessie "valt" hij al snel naar links. Voor de echte chakram-helden moet je ver terug gaan. Om bovengenoemde site te citeren:

In the epics (the Mahabharata for instance) an asura trying to get heavenly nectar from the moon had his head chakra-ed off.

zondag 9 november 2008

Ab-so-luut!

Nog één filosofisch stukje dan, en dan stop ik er echt weer een poosje mee. Ik ben het eens met Boris Pasternak, die filosofie met mierikswortel vergeleek; lekker in kleine beetjes, maar je kunt niet op een dieet ervan leven. (Als je Nederlandse lezers tegemoet wilt komen zou je de in Rusland razendpopulaire mierikswortel (хрен) waarschijnlijk moeten vervangen door sambal, dat een vergelijkbare functie heeft. Een interessante mogelijkheid is wasabi, want dat is (a) bekend en (b) een soort mierikswortel - maar het zou echt idioot zijn zoiets hips bij Pasternak te lezen. Sambal is trouwens ook al een slecht idee. De lezer die het niet weet moet maar raden hoe mierikswortel smaakt.)

Het hele probleem zit 'm in het absolute denken waartoe we ons verplichten als het om principes gaat. Grijstinten zijn een teken van morele zwakheid. Weigeren een ethische vraag eenduidig te beantwoorden is lafhartig. Conservatieven waren woedend over Obama's That's above my pay grade (kijk vooral het stukje uit als u het nog niet hebt gezien). Hij zou er als president juist wél voor betaald worden zich daarover uit te spreken! Maar het enige absolute, principiële antwoord dat je op de vraag naar het beginnen van leven kunt geven, leidt tot krankzinnige consequenties. En die aanvaarden ook mensen die emotioneel elke vorm van abortus afwijzen geukkig niet. Zo zou bij aanvaarding van Proposition 48, waarover de stemgerechtigde inwoners van Colorado zich afgelopen 4 november mochten uitspreken, een bevruchte eicel voortaan als mens worden gedefinieerd. Gebruiksters van een spiraaltje zouden per definitie moordenaressen zijn. Een beschadigde eicel zou recht op schadevergoeding krijgen.*

Je ziet die absolute houding terug bij sommige vegetariërs, die bijvoorbeeld geen kaas kunnen eten i.v.m. het stremsel, of geen leren schoenen willen dragen. Nu zou het mooi zijn als er voor beide alternatieven waren (voor stremsel bestaan die ook, maar je moet ze vooralsnog met een lampje zoeken), maar ze zouden ook gewoon blij kunnen zijn met wat ze wél doen: vele dieren níet laten doden voor het kleine genoegen van vlees eten, of voor de overbodige luxe van leren boekbanden. Je moet in gradaties durven denken. Absoluut goed en slecht bestaat niet.


* De Coloradans wezen het voorstel af met een meerderheid was drie tegen één. Dat is forse marge, die hopelijk demotiverend is voor de "pro-lifers", maar als u nog eens in Colorado komt, weet u nu dat ongeveer een op de vier volwassenen die u daar ziet een gevaarlijke fundamentalist is - en dat is weer erg veel.

zaterdag 8 november 2008

Vreemde vogels

- Die menselijkheidsschaal...
- Dat was toch nog een ontdekking die ik deed in een stukje dat ik dacht op routine te gaan schrijven. Jaah, ben ik wel een beetje trots op!
- ... doet om te beginnen erg denken aan de aaibaarheidsfactor.
- ...
- Of niet?
- Ja. Daar doet hij aan denken. Maar geloof me, ik ben een geweldig fan van Rudy Kousbroek, maar ik had daar niet aan gedacht. Het ging mij ook alleen maar om het doden, niet om het aaien. Bijna niemand wil mensen doden. Noem me naïef of goedgelovig of onbelezen, ik denk dat doden niet vanzelf gaat. Alleen in bepaalde omstandigheden, de mensen die de Einsatzgruppen mochten helpen en zo... Maar nee, dat is uitzonderlijk. Alle gebral van sommigen ten spijt. Als je zou zeggen "Hier heb je een wapen, dood iemand die je niet mag, je kunt ermee weg komen" zouden ze het niet doen. Ik voor mij strek die onwil om te doden uit tot bepaalde dieren, en ik denk dat ook mensen die geen vegetariër zijn dat doen, maar dat ze de drempel wat hoger leggen.
- Bij gorilla's bijvoorbeeld. En die zijn niet echt aaibaar, al hebben ze dan een vacht.
- Ik zou het niet durven zelfs. Terwijl ik wel een vogelspin heb geaaid. Maar dat durfde ik ook niet. Ik wilde me alleen niet laten kennen voor mijn dochtertje.
- Goed, met aaibaarheid heeft het niets te maken.
- Niets. Maar die vogelspin is een interessant geval. Die wil je ook liever niet doden, al is het niet echt een "hoger dier". Want door de grootte kun je je voorstellen dat "er iets in zit", terwijl je bij mieren onder die pectinelaag hoogstens nog wat zenuwcircuits en een energiebron vermoedt waardoor ze een reeks geprogrammeerde taken kunnen uitvoeren. Bij spinnen is er meer. Er is weinig ruimte aan hersenen verloren, they seem to be relatively slow thinkers heet het in het Wikipedia-stuk dat ik snel op het woord "brain" scande, en wat een geweldige mogelijkheden biedt dat internet! Maar er zit wel degelijk een zekere tragiek aan vogelspinnen...
- Jaja, jaja, liefhebbers mogen dat hier nog eens nalezen.
- ... dus waar plaats je ze op de menselijkheidsschaal? Verdomd, ik zou het niet weten.
- Is het trouwens een lineaire schaal, zoals de graden Celsius, of is hij meer eh... logaritmisch, zoals de pH en de schaal van Richter en zo? Dat je van 1 naar 2 gaand tien keer zo menselijk wordt, en van 2 naar 3 weer tien keer...
- Daar had ik niet over nagedacht. Lineair, doe toch maar. Logaritmisch zou ook al snel uit de hand lopen.
- En hij begint op 1, of op 0? Want iets levends kan nog heel wat minder dan een mier zijn.
- Eh...
- Ik begrijp het. Die schaal het was maar een idee, je wilde de verschillen adstrueren.
- Ja. Maar als we het toch serieus proberen, zouden we het zo kunnen doen. 0 is dood, of levenloos (is verschillend, leerden we in de brugklas bij biologie, Maar dat interesseert me nu niet). 100, of in ieder geval: het hoogste getal, want de schaalverdeling maakt me niet uit is de mens. Heel dicht bij nul staan de microorganismen. Daarboven koralen, dan planten, dan laten we zeggen kokerwormen, dan eh... En mieren promoveer ik dan van 1 naar 20 op de menselijkheidsschaal...
- Jij hebt echt helemaal geen verstand van biologie hè?
- Het gaat erom waarmee je je kunt identificeren. Dat is subjectief en onwetenschappelijk.
- Nog meer vreemde vogels op de schaal, behalve de vogelspinnen ?
- De grootste dieren in hun categorie staan steeds een paar plaatsen hoger dan de rest. En de aaibaarste ook. De zeldzaamste natuurlijk. En vooral ook: de mooiste! Vissen vind ik minder zielig dan kippen, maar met het doden van een blauwvintonijn heb ik erg veel moeite.
- Zou je een lelijk mens opofferen voor een mooie mensaap?
- Als die aap in Artis woont en ik zie hem wekelijks, en de idiote en volstrekt onmogelijke mogelijkheid zou zich voordoen dat als iemand in Afrika of Azië nu en kogel door zijn kleren kreeg en dood was, die aap van kanker genezen zou zijn bijvoorbeeld?
- Bijvoorbeeld.
- Jij eerst.

vrijdag 7 november 2008

Menselijkheidsschaal

Ik vind het volgende zo vanzelfsprekend dat ik me een beetje geneer het op te schrijven. Het liefst schrijf ik in een blogstukje iets dat ik zelf nog niet wist, of nog maar vagelijk wist. Zo leer je nog eens wat. Misschien dat ik er daarom altijd zo lang over doe. Dat is weer een voordeel van iets makkelijks typen. Noteer maar: 5 voor half 12 Central European Time typ ik deze woorden. Nu zien hoe laat ik post.

Goed. Geen vlees eten is een probleem van een glijdende schaal. Gaan we naar Artis, dan zien we daar ondanks de modernisering en de bijbehorende hokvergroting de meest uiteenlopende dieren - van gorilla tot mier, en laat ik die twee even als voorbeeld nemen.

Ik heb de toeschouwers nooit geteld, maar ik durf wel te stellen dat de gorilla's meer aandacht krijgen dan de mieren. Of in ieder geval meer empathie. Uit wat de toeschouwers zeggen, spreekt een grote zorg over het welzijn van de gorilla's. Vervelen ze zich niet? Missen ze hun recentelijk overleden moeder? Zulke vragen worden niet gesteld over mieren.

Daar is niets vreemds aan. Iedereen zal beamen dat die gorilla's op mensen lijken. Daarom zou u ook geen vorkje mee willen prikken van deze of van dit kleintje. En nu we toch bezig zijn met plaatjes die u niet wilt zien (ikzelf ook niet): deze vier had u ook liever nog even lekker door de jungle, of desnoods door hun hok in Artis zien lopen.

Van een doodgetrapte mier raakt u echter niet van slag, denk ik. Tussen een gorilla en een mier bestaat een enorme afstand - bijna net zo enorm als die tussen mens en mier. Zet de mier op 1 en de mens op 100 op de menselijkheidsschaal. Dan staat de gorilla toch wel op 99,99, niet?

Dan nu eindelijk het waar het me om begonnen was: het varken en de koe, en de kip. Voor mij staan die ver genoeg van de mier. Niet op 99,99, maar toch wel ruim boven de 99. De kip (die, zoals mijn opa tijdens het snijden graag zei, weer eens niets gevraagd was), toch nog wel in de hoge 98's. Allemaal dicht genoeg bij de mens om het onacceptabel te vinden ze te vermoorden. In ieder geval niet voor mijn eten, of om mijn set van het Verzameld Werk van Karel van het Reve in te binden.

donderdag 6 november 2008

Voor elkaar bouwen

It's official. Ik sprak gisteren met een architect die volmondig beaamde wat ik altijd al vermoedde: dat architecten voor elkaar bouwen. En dat ze een reeks merkwaardige voorkeuren hebben waar Joe the Plumber niet bijkan.

Neem nu beton. Goed, het is handig, niet voor niets gebruikten de Romeinen het al, en wie vindt dat slechte bouwers. Maar er zijn maar heel weinig mensen die beton mooi vinden. De architect met wie ik sprak vindt het echter prachtig, en vele collega-architecten met hem. En hoewel mijn architect zich ervan bewust was dat mensen als ik op zijn best berustend en op zijn slechtst met walging of ontzetting naar bepaalde gebouwen kijken, leek hij vast van zins juist zulke gebouwen te blijven neerzetten.

En, dat vergat ik erbij te zeggen: het was een heel aardige jongen! Beslist iemand die altijd met anderen rekening zou houden.

Maar zijn anderen niet even erg? Componisten componeren ook voor elkaar. Uitvoerende musici spelen voor elkaar - voor het publiek zijn ze niet bang, dat weet niet wat ze doen, maar kritiek van collega's kan ze breken.

Dan schrijvers. Zouden er schrijvers zijn die alleen voor schrijvers schrijven? Wie weet. Ik ken ze niet, maar dat hoeft niets te zeggen. Dat is het mooie van schrijven. Je treft er geen onschuldigen mee.

(Het plaatje is een impressie van het gebouw waarin ons nieuwe kantoor gevestigd zal worden. De aardige architect wordt onze buurman. Het gebouw is niet van beton, maar van glas en staal - net als de Twin Towers, denk ik dan altijd maar. Hoe het dan met de vloeren zit ben ik even vergeten. Het ruitpatroon is een slimme houtenbalkenconstructie, die Godzijdank niet dragend is.)

woensdag 5 november 2008

Negers in Amerika

De verkiezingsnacht was voor mij lang, maar niet echt spannend, want ik volgde al maanden sites als The Votemaster en Pollster. Ik weet dat de peilingen "have come a long way" sinds de historische vergissing van Gallup, en dat zaken als mobiele telefoons en het Bradley-effect bij de peilers bekend en deels gekwantificeerd zijn - en dat het allemaal heel weinig zou uitmaken. (De peilingen waren dan ook spot on, dat mag toch wel eens gezegd worden.)

Ook over een merkwaardig, maar (kijk maar naar uzelf?) daarom niet minder waar effect werd van tevoren veel geschreven: veel blanken zouden júist op de neger stemmen, omdat ze dat goed voor Amerika's positie in de wereld vinden, omdat ze gloeien van trots dat dat nu juist in Amerika kan, en alleen daar, of omdat ze hun vermeende schuldgevoelens daarmee af zouden kopen.

Spannend was het dus niet echt, of je zou het wachten op de mokerslag van Ohio zo moeten beschrijven. Wel bood CNN schitterende televisie. De technische hoogstandjes waar Ben terecht over schrijft bleven verbazen. En de goedgebektheid van die Amerikanen, daar krijg ik ook nooit genoeg van.

Maar ik pikte toch iets op waar ik achteraf niet meer over gelezen heb, maar waar we volgens mij nog meer van gaan horen. Een commentator zei in nette woorden dat een fantastisch resultaat van deze verkiezingen was dat negers nu niet meer konden zeiken dat ze achtergesteld en tekortgedaan worden. Ik denk dat sommigen dat nog wel degelijk kunnen, die arme gasten hebben onnoemelijke hindernissen te overwinnen, en niet iedereen heeft de intelligentie en de ijzeren wil van Obama. Ik voorspel dat de negry v Amerike nog zware tijden tegemoet gaan.

dinsdag 4 november 2008

Het schrijven was op de muur

Ben en ik hebben besloten het experimentele prachtblog Ben & Wouter uit zijn lijden te verlossen. Jammer, maar het zat er aan te komen: ik blog gewoon te weinig. Voor Ben daarentegen is bloggen een way of life, een soort surfen - ik begrijp tenminste dat dat ook een way of life is. (Dat lijkt een cirkelredenering, maar is het dat ook? Ik herinner me dat we op de middelbare school een boek van Alan Sillitoe lazen, waar een jongetje in voorkwam dat van een muur van twee meter hoog sprong en zei dat hij zich als een parachutist voelde, want als je als parachutist neerkwam voelde het ook alsof je van een muur van twee meter hoog sprong. Ik herkende dat, want ik dacht altijd hetzelfde als ik van een muur sprong.) Veel bloggen is nog maar het begin, wil je een blogger zijn, dan moet je alles wat je doet dienstbaar maken aan het bloggen. Om het tegen mijn gewoonte in een beetje dramatisch te zeggen: leven is je voorbereiden op je volgende blog.

maandag 3 november 2008

Die regels over Kenau Simonsdochter Hasselaer

Die regels over Kenau Simonsdochter Hasselaer staat in een artikel in Hollands Maandblad van mei 1963, waarin Karel van het Reve zijn kennis van de Tachtigjarige Oorlog uitputtend beschrijft. (Knowledge. Describe. Be general and specific. was een opdracht in een natuurkundeproefwerk dat we op 1 april 1982 kregen op Shaker Heights High School, ik krijg buikpijn bij het lezen van het Wikipedia-artikel over die school, nee, bij het zien van de foto alleen al - vooruit, dat wordt de illustratie van vandaag.)

Naast wat VhR in dat stuk niet blijkt te weten - daar waren we al op voorbereid, hij vertelde graag hoe weinig hij van zijn geschiedenisleraar Jacques Presser had geleerd - valt vooral op wat hij allemaal wel weet.

Dat is niet alleen de verdienste van Presser, die VhR ondanks hemzelf nog zeer veel wist bij te brengen, maar ook van het geschiedenisonderwijs in die dagen. Een lopend verhaal over een zeer beperkt aantal onderwerpen. Daar blijft altijd wat van hangen. Leraren wisten het bovendien echt goed, niet alleen Presser.

Naast alle ellende van het studiehuis is een van de redenen dat het geschiedenisonderwijs nog zo weinig effectief is, ongetwijfeld dat leraren zich niet lang met één onderwerp bezig mogen houden. Ze moeten van het ene onmisbare thema (heksenvervolging, industrialisatie, totalitarisme, China, Islam, debunking van 80-jarige oorlog zonder ooit de bunk te hebben gekend) naar het andere hoppen.

Het resultaat is niet eens dat hun leerlingen maar een klein beetje van een hele boel leren, maar dat die helemaal niets leren.

Al wil ik met gepaste trots melden dat ik laatst bij een concert werd aangesproken door een oud-leerlinge die zei dat ze de Amerikaanse presidentsverkiezingen die nu gaande zijn goed begreep dankzij mijn lessen over dat onderwerp, indertijd. Maar dat is dan iets waar ik over door kan praten. Nooit stond ik met mijn mond vol tanden.

zondag 2 november 2008

Registerarbeiten

Ik voel me niet overal op mijn gemak. Thuis, daar wel, zolang er geen bezoek is (of het moet echt heel goed bezoek zijn, dit voeg ik toe voor de vrienden die er vanmiddag waren). Op het werk, maar de mensen die er werken zijn ook door mij en mijn vrouw gekersenplukt.

Maar verder? In de supermarkt om de hoek, waar ik toch zeker om de dag kom zal ik niet gauw aan een vakkenvuller vragen of ik er even bij mag. Op de school van mijn kinderen, waar ik elke doordeweekse dag kom, gedraag ik me als in een vreemd land.

Dus ik bedoel maar: er is wat voor nodig om voor mij de omstandigheden te scheppen om optimaal te functioneren. En zo'n plaats is er nu bijgekomen in de vorm van de redactieruimte van Uitgeverij Van Oorschot, waar ik gisteren mocht helpen met de laatste loodjes van het register van Deel 2 van het Verzameld Werk van Karel van het Reve. (Wat? vraagt u nu misschien, Deel 2 al? Niet nerveus worden, de delen 1 en 2 komen tegelijkertijd uit, in december is het zover.)

Waaruit blijkt dat op m'n gemak voelen? In mijn geval: door mee te lullen over zaken waar anderen veel meer van af weten, en dat op zo'n vanzelfsprekende manier dat die anderen zelfs mijn mening gaan vragen. Ik kwam als konsoel'tant voor Russische zaken, maar mocht ook helpen met het schrappen in lemma's die niet over Russen gingen.

Dat zit zo: het is een personenregister, waarin we behalve de volledige namen ook korte beschrijvingen van die personen staan. Dus Marx wordt:

Marx, Karl Heinrich, 1818-1883, Duits sociaal wetenschapper en revolutionair, [paginanummers]
Maar doordat we tot het laatst toe zo veel namen bleven toevoegen, dreigde de redactie boven het gewenste aantal bladzijden te komen. Regels werden ineens kostbaar, en soms kun je er een winnen door een lemma in te korten, bijvoorbeeld door "sociaal wetenschapper en revolutionair" te vervangen door "publicist", zoals VhR deed in de Geschiedenis van de Russische literatuur.

Bij het inkorten moesten een paar moeilijke keuzes worden gemaakt. Een enkele keer wisten we werkelijk niet hoe we iemand met een of twee woorden recht zouden doen. Neem nu Kenau Simonsdochter Hasselaer. Met een helderheid die ik normaliter slechts in betere blogsessies heb, stelde ik community organizer voor. Dit voorstel haalde het dan toevallig weer net niet, maar als u toch dat Verzameld Werk koopt, vergeet dan niet het register er van tijd tot tijd bij te pakken!